Hoeveel kan je aan eten denken voordat het een probleem wordt?

Iedereen houdt van eten. Maar tot op welke hoogte is het normaal om de hele dag door te denken aan wat je wel en misschien vooral niét eet? Vanaf wel punt heb je een eetprobleem? 

Ik heb een haat- liefdeverhouding met eten. Na het ontbijt verheug ik me al op de lunch en tijdens de lunch denk ik al na over wat ik vanavond zal gaan eten. Tot zover niets wereldschokkends, maar het probleem is dat het hier niet bij blijft. Ik hou in m’n hoofd een nauwkeurig dagboek bij met wat ik heb gegeten. In bed probeer ik uit te rekenen hoeveel calorieën ik die dag binnen heb gekregen. Natuurlijk is dat een potje natte vingerwerk van heb ik jou daar, maar het is vast terug te voeren op een soort controledrang.

Nutella
Ik kan oprecht teleurgesteld in mezelf zijn als ik een boterham met Nutella heb gegeten. ’s Ochtends spreek ik met mezelf af dat ik die dag niet ga snacken. Een appel, hooguit. Als ik met een vriendin de stad in ga, mag ik hooguit drie wijntjes. En als die drie wijntjes dan vier, vijf of zes worden, moet ik dat de volgende dag van mezelf ergens compenseren. Let wel: het zijn allemaal goedbedoelde voornemens die vaker niet dan wel in de praktijk worden gebracht. En dan ben ik dus weer boos op mezelf, want als ik ook maar iéts meer wilskracht zou hebben, had ik allang het lijf van een Victoria’s Secret-model gehad. Met dat soort innerlijke conversaties kan ik het dus een hele dag ontzettend druk hebben.

Probleem
Ik weet eigenlijk niet wat een normale houding is tegenover eten. Alles wat je hebt gegeten op de weegschaal leggen, rare afspraken met jezelf maken en die vervolgens breken; doet iedereen dat?  Of heb ik een probleem? Volgens hoogleraar Julie Friedman van het Eating Recovery Center’s Insight Behavorial Health Center’s (ik verzin het niet) valt die vraag niet makkelijk te beantwoorden. Het ligt er namelijk onder andere hoe lang die gedachtes duren, hoe vaak ze voor komen en de belangrijkste: of ze je leven op een negatieve manier beïnvloeden.

Boodschappen
Wanneer je na het eten een vinger in je keel steekt of enorme vreetbuien hebt, is de diagnose duidelijk.  Maar er is ook nog een heel grijs gebied waarin het niet zozeer gaat over hoeveel je aan eten denkt, maar of het effect heeft op je functioneren. Vermijd je pertinent etentjes met vrienden omdat je per se zelf boodschappen wil doen; dan wordt bezig zijn met eten een probleem om het een grote invloed heeft op je leven. Om het nog concreter te maken: je ‘mag’ ongeveer twee uur per dag bakkeleien over dingen als of je met jouw lichaamstype nou wel of niet koolhydraten moet eten en of je juist dik wordt van proteïnepoeder na het sporten.

Hou je bij de feiten
Maar dat daargelaten: hoe objectiever je met eten bezig bent, hoe beter. Hou je bij de feiten. Dat je een hamburger hebt gegeten, betekent niet meteen dat je een rampzalige levensstijl hebt. Het is wat het is; over drie uur heb je weer een nieuwe kans. Jezelf afstraffen zorgt alleen maar voor een nog meer verstoorde band met eten.

Chocola
De belangrijkste les is dus: associeer eten niet met gevoel als je een gezond eetpatroon nastreeft. Chocola eten omdat je een rotdag hebt of pissig zijn op jezelf omdat friet hebt gegeten brengt je dus alleen maar verder van huis.

Onbehandeld eetprobleem
Nog niet overtuigd? Praat hierover met een deskundige. Het is altijd beter om te weten dat je een normale band hebt met voeding dan jaren rondlopen met een onbehandeld eetprobleem dat alleen maar erger wordt.

Lees ook: Eet jezelf slim: met deze voeding maak je meer hersencellen aan

Bron: Marie Claire

 

Geschreven door

Susan is freelance journalist en editor. Houdt van mensen die zichzelf niet te serieus nemen, want dat doet ze zelf ook niet. Lacht om haar eigen grappen, huilt om baby-aapjes. Zit meer op Instagram dan goed is voor een mens en koestert alles wat een luipaardprint heeft.