Herken jij ook vaak gezichten niet? Het is dus een ziekte!

Femke kan iemand vijf keer ontmoet hebben en diegene bij de zesde keer niet herkennen. Soms is het zelfs zo dat ze haar eigen kind of zichzelf (even) niet herkent. Ze schaamt zich er nogal voor. Totdat ze van een vriendin hoorde… dat het een aandoening is, met een naam: prosopagnosie.

Lees ook: Levensles: de jongen en de echo

Laatst stond ik met mijn zoon in de Hema en kwam ik een vrouw tegen die ik nog ken uit een vorige baan. Ze stond naar me te glimlachen op een manier waaruit ik niet kon halen of ze me toelachte omdat ik aan het worstelen was met mijn kind of omdat ze me kende. Het is een situatie die ik me nogal vaak overkomt. Ik ben inmiddels bedreven geworden in mijzelf houding te geven op dat moment. Want: dat is niet makkelijk. Het midden te houden tussen iemand benaderen als een bekende en als een vriendelijke onbekende. Het hoeft ook altijd maar eventjes, want daarna geeft iemand zelf snel genoeg aan dat hij/zij JOU wel kent en kun je met dat nieuwe gegeven aan de slag. Je weet dan nog niet waarvan je je bekende kent, maar dat komt gaandeweg het gesprek wel. Het is echter wel hard werken om alle puzzelstukjes op hun plek te laten vallen. Meestal duurt zoiets in totaal tien minuten. Dat lijkt kort, maar voor mij zijn dat tien zenuwslopende minuten.

Ik vertel wel eens tegen mensen dat ik slecht ben in gezichten, of ze merken het aan me. Vaak wordt ik door dat gegeven als  arrogant en uit de hoogte bestempeld. Alsof ik iemand niet goed genoeg vind om te onthouden, maar zo zit het echt niet. Ik herken soms zelfs (heel even) mijn eigen zoon niet. Het komt geregeld voor dat ik hem ophaal uit het kinderdagverblijf en rondkijk in die krioelende kinderhoop en mijn zoon niet vind. Soms moet ik wel drie keer kijken en heel goed focussen om hem te zien. Als ik ongeconcentreerd rondkijk dan zie ik hem over het hoofd. Dan slaan mijn hersenen niet op dat het Mijn Kind is die ik aankijk. Bizar. Nog bizarder is dat ik ook mijzelf wel eens als onbekende zie. Dan loop ik langs een etalage en denk ik: “Hee, wat een leuke jas!” )of  “Woooo, wat een dik wijf. Die zou ook wel eens een paar kilootjes eraf mogen lijnen”) en het volgende ogenblik realiseer ik me dat ik het zelf ben. Ook als ik in de spiegel kijk, heb ik wel eens een moment dat ik denk: Wie Is Dat? Ik druk het altijd maar een beetje weg, maar laatst zat ik er met een vriendin over te praten en die bleek exact hetzelfde te hebben.

Ook zij herkent mensen, haar zoon en zichzelf (soms) niet. Ook zij huivert ervoor om het te vaak te zeggen, omdat anderen haar als arrogant zouden kunnen bestempelen. Dat we het er nu wel over hadden, kwam doordat zij erachter was gekomen dat het IETS is. En dat iets heet dus prosopagnosie ofwel gezichtsblindheid: een specifieke vorm van agnosie. Mensen die deze aandoening hebben, hebben problemen bij het herkennen van gezichten, soms zelfs hun eigen gezicht. In de negentiende eeuw werd al onderzoek gedaan naar de aandoening, maar de naam werd pas in 1947 gegeven door de Duitse neuroloog Joachim Bodamer.

De laatste jaren is er meer onderzoek gedaan, onder andere met nieuwe technieken als hersenbeeldvorming, wat ook heeft bijgedragen aan de kennis over de wijze waarop gezichten normaal worden herkend en hoe gelaatsuitdrukkingen worden geïnterpreteerd. Tot wel twee procent van de bevolking zou in meer of mindere mate aan prosopagnosie lijden. Soms door een hersentrauma, maar soms is het gewoon aangeboren. Ik vermoed dat ik onder die laatste groep val. Mijn vriendin vertelde dat ze opgelucht is dat ze nu weet wat ze heeft, dat het een naam heeft, maar ik ben nog niet zover. Ik hoop nog steeds dat ik er op een dag vanaf ben. Tot die tijd ga ik het doen met wat ik op de website scientias las:

Iemand met prosopagnosie moet dus een oplossing bedenken voor zijn probleem. Hij moet leren mensen te herkennen ondanks zijn aandoening. Dat kan door naar kapsels en de kleding te kijken. “Iedereen gebruikt andere informatie dan die van het gezicht, zoals het haar, figuur, karakteristieke bewegingen en context, om mensen te herkennen. Mensen met prosopagnosie hebben alléén die informatie. Daar zijn ze afhankelijk van. Sommige zeggen dan ook dat zij ‘gespecialiseerd’ zijn in bepaalde informatie en hierdoor mensen beter kunnen herkennen.” Om iemand te herkennen, kijken mensen met prosopagnosie bijvoorbeeld naar hoe diegene loopt, praat, zich kleedt of zijn haar in model heeft zitten. Hierdoor duurt het wat langer voordat iemand herkend wordt, maar is het wel mogelijk om mensen te herkennen. Waarom ze het kapsel en iemands loopje wel kunnen herkennen, legt de onderzoeker als volgt uit: “De processen die we gebruiken om gezichten mee te herkennen, blijken anders te zijn dan de processen die we gebruiken om andere visuele stimuli te herkennen.”

Voor wie nu denkt: ‘tjeeee, ik heb dat ook…dat ik mezelf en mijn eigen kind soms niet herken!’ Dan weet je nu hoe het heet wat je hebt! En hoe je het een beetje leefbaar kunt houden.

Lees ook: Cijfer jij jezelf weg?

Geschreven door