Het is tijd om Fuck It te zeggen tegen de pleaser in jou

Ga eens bij jezelf na: hoe vaak doe jij dingen omdat een ander dat graag wilt? Best vaak? Dan ben je waarschijnlijk een notoire ‘pleaser’, wil je anderen graag tevreden stellen. Maar hoe zit het dan met wat jíj wilt? Ben jíj eigenlijk wel tevreden? Nee? Dan is het tijd om daar iets aan te doen.

Pleasen. Het is een typische vrouwenkwaal. We vinden het belangrijker dat iedereen om ons heen zich goed voelt en krijgt wat ‘ie wil, dan dat we denken aan onze eigen behoeften. Met als resultaat dat we heel vaak dingen doen die we eigenlijk helemaal niet willen. Want: de ander wil het zo graag en wij gaan er toch niet dood van? Nee, inderdaad. Maar dood ga je in principe van heel weinig. Alleen wil dat nog niet zeggen dat je het dan dús maar moet doen.

Zelf kom ik ook maar wat vaak terecht in situaties die mijn keus niet zouden zijn. Sta ik weer op mijn vrije zondag in de bouwmarkt met mijn man bijvoorbeeld. Omdat hij zo graag wilde dat ik mee ging om verf uit te zoeken. Terwijl het mij eigenlijk niet eens zoveel kan schelen of de trap wit, of gebroken wit wordt en ik veel liever met een boek in bad had willen liggen. Sleep ik me weer naar een feestje met allemaal mensen die ik niet persé aardig vindt, gewoon omdat het onbeleefd is om niet te komen. Of formuleer ik een e-mail zo zorgvuldig dat de boodschap eigenlijk helemaal niet meer overkomt, alleen maar omdat ik de ontvanger niet tegen de haren in wil strijken. Maar waarom eigenlijk? Niet voor mezelf in ieder geval. Maar waarom dan wel voor iemand anders? Waarom is iedereen belangrijker dan ik?

Nou ja, dat is dus niet zo. Dat zegt Sarah Knight, schrijfster van het boek ‘The life-changing magic of not giving a f*ck’. Knight was altijd, zoals ze dat zelf zegt, een ‘Type A over-achiever’. Kortom: zo iemand die altijd alles perfect wilde doen, vooral voor anderen. Dus dan ging ze maar weer naar de zoveelste hysterische babyshower van een vage kennis, stond ze weer een halve dag in de keuken als haar schoonouders kwamen en probeerde ze op de werkvloer al haar collega’s te vriend te houden. Tot er op een dag iets knapte. Ze nam ontslag, begon haar leven te ‘de-clutteren’ aan de hand van de populaire methode van Marie Kondo (vandaar ook de titel van haar boek, die geïnspireerd is op Kondo’s ‘The life-changing magic of tidying up’) en voelde zich enorm bevrijd. Want: “Waarom zou ik iedere dag voor dag en dauw opstaan en uren in een kantoor zitten waar ik niet wil zijn, met mensen die ik niet aardig vindt, om hun problemen op te lossen, terwijl ik ook bezig zou kunnen zijn met wat goed is voor míj? Tja, goede vraag.

Aan de andere kant: zo makkelijk als het klinkt, is het natuurlijk niet. Want we kunnen nou eenmaal niet allemaal zomaar onze baan opzeggen (iets met brood op de plank enzo) en niemand zit te wachten op ruzie. Dus nee, misschien zou je niet alles moeten sugar coaten alleen maar om eventuele confrontaties uit de weg te gaan, maar hoe bewaak je dan toch jezelf en je eigen belangen zonder gelijk de bitch te zijn die altijd alleen maar voor zichzelf kiest? Simpel, zegt Knight, door een ‘F*ck Budget’ te maken. Dat houdt in dat je een lijst opstelt van mensen die jouw aandacht en opoffering verdienen. Dus bijvoorbeeld je partner, je beste vriendinnen, je ouders, of wie je dan ook maar tot je persoonlijke inner circle rekent. Dit zijn de mensen die echt belangrijk voor je zijn en waarvoor je dus soms best even aan jezelf voorbij kunt gaan. De rest van de wereld die van alles van menen te moeten krijgen, kunnen (spreekwoordelijk natuurlijk, doe het maar niet echt) ‘the finger’ krijgen. Het kost al genoeg om je inner circle te vriend te houden, dus voor iedereen daar buiten heb je gewoon geen tijd. Je bent er namelijk zelf ook nog.

Als ik dit boek lees, vraag ik me inderdaad af waar ik nou eigenlijk mee bezig ben. Waarom het zo belangrijk voor me is om iedereen altijd te vriend te willen houden, behalve mezelf. Hoezo kan ik niet gewoon eens zeggen dat ik het niet met iemand eens ben, maar ga ik altijd op de politiek correcte toer om iemand maar niet het gevoel te geven dat ik ‘tegen’ ben? Want: hoe zit het dan met mijn gevoel? En hoezo ga ik naar die borrel waar ik eigenlijk niemand ken en bijna doodga van ellende, alleen maar omdat dat nou eenmaal ‘zo hoort’ en goed is voor m’n ‘netwerk’? Ik wil dat toch gewoon helemaal niet? Waarom ga ik zo tegen mijn eigen gevoel, mijn eigen natuur in? Wie wordt daar uiteindelijk nou gelukkig van? Ik niet in ieder geval. En ik moet toch met mezelf leven? Niet met mijn collega’s, of mijn ‘netwerk’.

Het is niet egoïstisch om jezelf meestal op één te zetten. Laat je dat vooral niet aanpraten als je een keer een feestje afzegt waar je gewoon echt geen zin in hebt, of als je een collega niet naar de mond praat. Je leeft tenslotte niet voor anderen, je leeft voor jezelf. Er geen fuck om geven betekent niet dat je alleen voor je eigen gewin gaat, maar het betekent wel dat je voor jezelf durft te zorgen. En dat is nodig, want als je dat niet doet, kun je er uiteindelijk ook niet zijn voor de mensen aan wie je het wél verplicht bent als die het nodig hebben. Ze zeggen tenslotte niet voor niets: altijd eerst je eigen zuurstofmasker op doen.

Lees ook: Geen zorgen voor de dag van morgen. Leef in het nu!

Geschreven door