Hoogsensitief: hokje of handig?

Hokjes hebben een slechte reputatie. Begrijpelijk, want door iets of iemand te bestempelen, neem je meteen de ruimte weg voor nuances of details die nét een ander licht op de zaak kunnen werpen. Toch is een hokje in bepaalde gevallen soms ook handig, zeker als nog niet veel bekend is over dat wat dat hokje probeert aan te duiden. En dat is het geval bij hoogsensitiviteit.

Ik ben een groot voorstander van een zo breed mogelijke blik, meerdere meningen en vooral: voortschrijdend inzicht. Want hoe meer je over iets weet of nadenkt, hoe meer je er meestal achterkomt dat bijna niets een kwestie is van zwart-wit. En dat geldt voor van alles, maar als het om psychologische kennis en dan vooral persoonijkheidskenmerken gaat (denk: introvert, extravert, ambivert, narcist, millenial, autist etc.), sta ik er soms wel eens van te kijken hóe sterk onze neiging is om menselijk gedrag een stempel te geven. Label, boem, en zo: we ‘snappen’ het weer. Maar niets zo complex (en interessant) als menselijk gedrag en de menselijke geest. En niets zo veranderlijk ook, want wat nu waar of werkelijkheid is, kan over een tijd hopeloos achterhaald zijn. Fuck die hokjes dus, wij mensen zijn véél meer dan een simpele stempel. Toch?

En toen las ik een interessante blog van Pieter Offermans, schrijver van boek en blog De Hoogsensitieve Werknemer. Daarin legde hij uit dat hokjes weliswaar allerhande vooroordelen in zich dragen als ze verkeerd worden gebruikt (Nederlanders zijn gierig, vrouwen kunnen niet inparkeren) maar dat ze soms ook gewoon een doel hebben: namelijk iets dat in feite zeer complex is in simpele en snelle bewoordingen duiden. En in het geval van hoogsensitviteit, betoogde hij, heeft dat best wat voordelen. Want als  je die term koste wat kost wil vermijden, zou je iets moeten zeggen als ‘een eigenschap, naast vele andere eigenschappen in een individu, waarbij de persoon zich aan het uiterste van een schaal bevindt die loopt van ‘prikkelgevoelig’ tot ‘zeer prikkelgevoelig’ en waar hij/zij prikkels dieper verwerkt en daardoor in meer of mindere mate een aantal specifieke behoeftes kan  hebben en bepaalde neigingen kan vertonen.’
Poe. Nou doe dan maar hoogsensitief inderdaad.

Al zitten er aan dat woord natuurlijk ook nadelen. Het ‘hoog’ suggereert dat het ‘té’ is (te veel, te hoog, te anders) en dat ‘sensitief’ doet mij meteen denken aan mensen die om alles moeten huilen. Bovendien: een hokje als dit sluit mensen dan wel binnen, maar dus ook buiten. Alsof iedereen die het níet is, het ook wel niet zal begrijpen of interesseren. Maar als je dit woord wilt zien als slechts een hulpmiddel, heeft het ook echt voordelen, zegt Pieter, vanwege het volgende:

Hokjes zijn niet altijd slecht –vaak zijn ze goed
En dat komt: het bevordert de communicatie én het is iedereen meteen –min of meer- snel duidelijk wat er aan de hand is.  Teveel nuances en bijzinnen zorgen er voor dat een situatie wollig en onduidelijk wordt. ‘Hoogsensitief’ is in de praktijk dus wel in allerlei vormen en maten te vinden, maar het woord gebruiken om zoiets complex’ mee aan te duiden is in ieder geval een begin

Dit hokje helpt om mensen beter te begrijpen
Ongeveer 20% van de mensen is hoogsensitief, en een deel daarvan weet het (nog) niet van zichzelf. Een hokje kan je dan helpen om er bekend mee te raken,  je persoonlijkheid beter te leren begrijpen, er informatie over op te zoeken, erover te praten of blogs als deze te lezen. En ook voor de niet-hoogsensitieven is het een handig woord om te (leren) invoelen wat die ander beweegt: waarom ze snel moe zijn bijvoorbeeld, of waarom ze anderen vaak snel aanvoelen.

Én om beter te functioneren/presteren
Want als je weet hoe je ongeveer in elkaar zit, kan je daar je wereld op instellen. Zelfkennis dus, weten waar je talenten én valkuilen liggen en daarmee omgaan, privé en op je werk. Zo bezien is een hokje als deze dus helemaal zo erg nog niet, zolang je het als hulpmiddel ziet. En dat is eigenlijk gewoon hartstikke handig. Toch?

Lees ook: Dit is waarom gevoelige mensen zo leuk zijn

Geschreven door

Liesbeth is journalist, schrijver en trainer. Ze schrijft het liefst over dingen waar ze zelf ook mee bezig is. Is altijd op zoek naar inspiratie, en vindt dat meestal in de mooie, maar soms ook in de mindere dingen van het leven. Schreef bestseller: *Ik moet nog even kijken of ik kan - de stille revolutie van de introverte mens* (2017) en recent 'Echte vrouwen krijgen een kind - de stille revolutie van de niet-moeder' (2019).