Nee zeggen, waarom vinden we dat toch zo lastig? (en hoe kun je dat leren?)

Nee zeggen: voor velen is het nogal een uitdaging. En dus zadelen we onszelf niet zelden op met allerlei taken en plichten die we –  inwendig vervloekend – uitvoeren. Ook Charlotte kampte met het niet-nee-durven-zeggen syndroom. En was daar behoorlijk klaar mee.

Ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik vind dat dus echt lastig: mijn grenzen aangeven en nee zeggen. Ik ben niet bepaald een typje waar je makkelijk overheen loopt en heb best een grote mond, maar op de een of andere manier blijft het een ding om NEE uit die grote mond te laten komen, terwijl mijn binnenste dat wel heel hard roept. Een voorbeeldje? Ik hoor mezelf altijd “Ja, príma!” zeggen als er weer eens vriendinnetjes bij mijn twee dochters willen komen spelen op woensdagmiddag. Begrijp me goed: Dat vind ik heel vaak leuk maar soms heb ik er geen trek in. En dan zeg ik tóch altijd ja. Waardoor ik mezelf bijna iedere woensdag weer terugvind in de keuken, tosti’s bakkend voor vier (soms vijf) kinderen. Na uren kindergegil, 59 keer het woord Mamaaaaa gehoord te hebben, en lijdzaam te hebben toegekeken hoe mijn huis langzaam in een enorme puinzooi veranderde, dringt dan steeds die vraag zich bij me op: Waarom niet gewoon eens een keertje ‘nee’?

Ik weet het wel. Ik wil mijn kinderen niet teleurstellen. Ik wil dat ze blij zijn en ik wil me niet schuldig voelen, of een ‘slechte moeder’. Ik wil niet dat andere moeders denken dat hun kinderen niet welkom zijn. Hetzelfde geldt voor werk. Ik ben freelancer dus betekent geen werk simpelweg: geen geld. Dat is de reden dat ik dus bijna nooit nee zeg tegen een klus. Dát en stiekem ook omdat ik – cliché, i know – niet onaardig gevonden wil worden. Ik ben bang dat als ik een keer nee zeg, ze me niet meer leuk vinden en me niet meer zullen vragen. En omdat ik in de gelukkige positie ben dat ik best veel word gevraagd, eindig ik regelmatig met een te grote hoop werk, waardoor ik enorm overweldigd word en gestrest raak. Dan lig ik ’s nachts mijn agenda door te nemen en me af te vragen hoe ik al die deadlines in godsnaam wil gaan halen. En dan is die vraag er weer: waarom niet een keer ‘sorry, nee, geen tijd?’

Het blijkt dat niet goed nee durven zeggen samenhangt met zelfvertrouwen en met jezelf minder belangrijk maken dan een ander. Niet fijn, ik merkte het ook aan mezelf. Er moest dus iets gebeuren. Ik moest voor eens en altijd maar eens leren nee zeggen en grenzen stellen. Want ik wéét zo goed dat nee zeggen eigenlijk iets heel positiefs kan zijn. Dat mensen je dan helemaal niet stom vinden, maar juist waarderen om je eerlijkheid. Of je zelfs serieuzer nemen dan wanneer je altijd maar beschikbaar bent. En ik weet ook dat – en dat vind ik een mooie – je door ‘nee’ tegen iets of iemand anders te zeggen, je ‘ja’ zegt tegen jezelf. Het is zo, ik weet het, en toch blijft het lastig. Of blééf het lastig, moet ik zeggen. Want de laatste tijd ben ik hier dus lekker proctief aan gaan werken.

Ik speurde online naar wat handige tips en stuitte op de volgende:

*Word je bewust van je eigen grenzen
Ga heel bewust terug naar momenten waarop mensen over je grens gingen: of dat nou je fysieke, emotionele of intellectuele grens was.
Dat wil je dus niet meer. En pas als je je bewust bent van je grenzen kun je er een volgend keer rekening mee houden en op inspelen.

*Wees assertief
Assertief zijn kan supereng zijn om te doen (ik weet het als geen ander) en daarom is het fijn om klein te beginnen. Zeg het eerlijk als het eten in een restaurant niet zo lekker was, wanneer de verkoopster in de schoenenwinkel met 4 paar schoenen aankomt en je ze allemaal niet mooi vindt of een collega heel terloops wat van zijn werk in jouw schoenen wilt schuiven.

*Houd je reactie simpel
Put jezelf niet uit in excuses of redenen waarom je iets niet wil of kan doen, maar houd het kort: “Nee dat gaat me niet lukken die dag” bijvoorbeeld, of: “Het komt niet goed uit”.

*‘Koop’ wat tijd voor jezelf
Ben je geneigd altijd meteen ja te zeggen? Zorg er dan voor dat je voortaan eerst zegt dat je er even over moet denken of het even in je agenda moet checken. Zo ‘koop’ je tijd en kan je er op een moment dat je er over hebt nagedacht op terugkomen.

*Blijf oefenen
En herinner jezelf eraan dat voor jezelf opkomen niet gemeen of onaardig is maar alleen betekent dat je eerlijk bent tegen de ander én tegelijkertijd respectvol naar jezelf. Een win win situatie dus.

Ik ben klein begonnen en ik maak progressie. Ja echt. Toen een moeder van school me laatst dinsdagavond appte of haar dochter de volgende middag mee kon uit school en ook kon blijven eten, omdat zij nogal druk was en haar man buiten de stad, heb ik het zomaar aangedurfd nee te zeggen. Weliswaar – in tegenstelling tot een van bovenstaande tips – nog met volop excuses (‘ik heb al twee kinderen over de vloer, en mijn dochters gaan ook nog naar clubjes, sorry’) maar hee, ik heb het gedaan. En toen ik onlangs mezelf weer eens had laten begraven in het werk, heb ik – heel stoer vond ik zelf – een opdracht terug gegeven. Weken voor de deadline, dus er was abolsuut geen probleem, maar toch, maar toch. Mijn opdrachtgever reageerde supergoed. Net als de moeder van school trouwens: alle begrip.

Zo zie je maar: vaak zit het vooral in je hoofd dat je geen nee kan zeggen. Probeer het maar eens, al is het iets heel kleins. Je zult zien dat er geen ramp gebeurt en een groot gevoel van opluchting en vrijheid je deel zal zijn.

(bron: psychologytoday.com)

 

Geschreven door