O nee, het voorstelrondje…en waarom ik dan weg wil rennen

‘Laten we eerst even een voorstelrondje doen.’ Als die zin valt, is Mariëtte al op weg naar de uitgang. Zo ongemakkelijk.

Lees ook: DIT herkent de introverte extravert (IE)!

‘Ik denk dat ze niet kan praten. Moet ze niet eens naar logopedie?’
Ik was vijf en mijn moeder was ontboden bij mijn kleuterjuf. Omdat ik binnen niet al te lange tijd de overstap naar groep drie zou maken, zou het toch wel fijn zijn als er eens duidelijk kwam over de kwestie of ik in staat was tot communicatie. De kleuterjuf had zo haar twijfels, omdat ik nooit iets zei. Geen woord, nog geen lettergreep. Niet in de kring, niet tegen andere kinderen en niet tegen de juf. Ik heb niet zo’n briljant geheugen en herinner me slechts flarden van mijn kleuterschool-jaren, maar ik weet nog wel dat ik bepaald niet ongelukkig of bang was. Ik vond het alleen niet nodig om te delen waar ik in het weekend was geweest en praten voor de hele groep, nee, dat leek me maar niks.
Er is sindsdien veel veranderd. Ik bleek te kunnen praten, maar gelukkig was er buiten de kleuterjuf sowieso niemand die zich daar zorgen om maakte. We schrijven eind jaren tachtig, de logopedist was een stuk minder druk in trek dan nu. Mijn moeder haalde haar schouders op en dacht: als ze het thuis kan, zal het in aanleg vast wel goed zijn. Dat was ook zo: ik bleek het te kunnen en tegen de tijd dat groep drie begon, durfde ik het ook in de klas. Niet dat een boekbespreking of krantenbeurt (dan moest je het nieuws van de week gaan vertellen) nou m’n hobby was, maar ik sloeg me er wel doorheen. Met moeite, want ik was wel lange tijd extreem verlegen.
Die verlegenheid is nu over. Geen ingewikkelde therapie of zelfhulpboeken voor nodig gehad, ik groeide er gewoon overheen. Voor presentaties of andere vormen van alle-ogen-op-mij moet ik heus nog weleens slikken en een drempel over, maar daarin ben ik vast niet de enige. Inmiddels ben ik zover dat ik het ook wel leuk vind om te doen, hoewel een goede voorbereiding alles is. Als ik heel erg heb geoefend wat ik moet zeggen en zelf vind dat ik iets leuks verkondigen heb, heb ik er lol in. Anders is het als ik het echt over mezelf moet hebben (als je weleens een boek schrijft, gebeurt dat, dat je het over jezelf moet hebben). Niet dat ik iets te verbergen heb, maar ik denk al snel: wie kan het schelen wat ik nu vertel? Maar ook daar: goed nadenken, goed voorbereiden, en gáán.

 

 

Lees ook: Deze ongemakkelijke situaties zijn herkenbaar voor iedere introvert

Er is alleen één ding waar ik echt de kriebels van krijg. Het gebeurt in vergadering of op van die vreselijke cursusdagen. Bij brainstorms of trainingen of als er een nieuweling aanschuift in de groep. Als je me zo snel mogelijk de kamer uit wil krijgen, noem dit woord dan: voorstelrondje. Er is altijd wel iemand die met het idee komt: laten eerst even een rondje doen! En dan knikt iedereen zo blij-ig van: ja, goeie. Hoewel volgens mij bijna iedereen dan van binnen een beetje doodgaat, want MOET DIT?! Ik in elk geval wel. Ik vind dat zoiets ergs, een voorstelrondje. Dat is hetzelfde als wanneer iemand out of the blue zegt: vertel eens iets over jezelf. Eh… ja, weet ik veel… eh…. Ik weet dan gewoon nooit wat ik dan moet zeggen. Ik bedoel, ik weet mijn naam (hoewel ik er bij een voorstelrondje ALTIJD over struikel, heel vreemd). Maar ik weet nooit: hoe veel moet je vertellen? Naam en functie, oké, dat kan ik. Maar dan. Hoe lang je dit al doet? Wat je dan precies doet? Waarom je dat doet? Waar je woont? Hoeveel huisdieren je hebt?? Ik vind het ingewikkeld. En ik zie anderen er ook mee worstelen, waardoor ik ook nog eens last krijg van plaatsvervangende schaamte als iemand veel te lang doorgaat.
En als je bent uitgesproken is het ook zwaar ongemakkelijk, want niemand weet ooit hoe te reageren, dus valt er zo’n stilte. Zo’n stilte waarin de rest wat zit te knikken van: o ja, goh, boeiend. Ik kan niet tegen stiltes, dus ik krijg de neiging die te gaan opvullen en dat pakt dan zo half lacherig en nog ongemakkelijker uit. Waardoor ik het voorstelrondje nog meer ga haten en de volgende keer nog wat verder dood ga van binnen.
Ik pleit dus voor naamkaartjes. Gewoon met zo’n veiligheidsspeld op je borst, of mooi neergezet op tafel. Dan kan iedereen zien wie je bent en wat je doet en toelichting daarop komt vanzelf een keer aan de orde. En, ook handig, het lost meteen mijn volgende probleem op. Want geheel tegenstrijdig aan waar het voorstelrondje voor bedoeld is, onthoud ik juist dan dus nooit een naam. Afschaffen dus, vandaag nog.

Lees ook: 20 dingen die zoooo ongemakkelijk zijn

Geschreven door