Shopverslaafd? Nee toch? Of wel? (DIT zijn de alarmsignalen!!)

Op het eerste gezicht lijken het heel gewone mensen. Shopverslaafden. Ze dragen kleren, net zoals Femke, maar zij dragen Elke Dag Iets Anders. En ze zien er Altijd Piekfijn Uit. Ja, eigenlijk is Femke wel jaloers op ze. Zo’n walk-in closet met hele winkelinhouden aan kleding, dat wil zij ook. Maar nee, die enorme roodstand, dat wil ze dan weer niet. 

Ik denk dat iedere vrouw wel neiging heeft tot shopverslaving. Als ik een uurtje op orangebag of zalando struin, kan ik ook niet stoppen. En op een vrijdagmiddag in de negen straatjes van Amsterdam wil ik nooit meer naar huis en zie ik 15 items die ik wil hebben. Vroeger, toen ik student was, stak ik mezelf nog weleens hopeloos in de schulden (maar toen had ik überhaupt niks te besteden) en at dan serieus de laatste week voordat mijn studiebeurs gestort werd alleen nog maar 1,19 euro pizza’s van de AH. Tegenwoordig denk ik echter voordat ik iets koop eerst aan mijn kind, de hypotheek, de vakantie, de boodschappen en dan koop ik in plaats van vijf stukken één stuk. Er gaan tegenwoordig serieus maanden voorbij waarin ik niks koop. Iets waarvan de shopaholics onder jullie natuurlijk helemaal niets begrijpen. Wanneer ben je eigenlijk shopverslaafd? Een tas, en schoenen, en twee nieuwe broeken en een jurkje in één middag scoren is misschien wat veel, maar als je dit niet elke dag/week doet, spreken we in medische termen nog niet van een echte verslaving. Dat komt pas wanneer DIT aan de hand is:

LEES OOK: Waarom je afvalt van uitstellen

  1. Elke kast in je huis is zo ongeveer opgeofferd aan kleding, want één is bij lange na niet genoeg
  2. Er arriveren geregeld pakketjes van Zalando (of Zara of netaporter of…) waarvan je niet meer wist dat je ze besteld had. (“Oh fuck, ik had 15 bh’s besteld! Wanneer dan?”)
  3. Zodra je achter de computer gaat zitten om te werken, ben je HUP toch ineens aan het internetshoppen
  4. Sparen is eigenlijk nog nooit gelukt. Of er moet een hele grote uitverkoop aan zitten te komen, dan wil het je nog wel eens lukken om een tijdje geld op te potten
  5. Je weet je creditcardnummer uit je hoofd (en het cvc-nummer!)
  6. Je werkt van maandag tot en met vrijdag en je shopt een heel groot deel van de zaterdag en de zondag.
  7. De Drie Dolle Dwaze Dagen van de Bijenkorf zijn je lievelingsfeestdagen (nou ja, ‘waren’ want die hebben ze dus afgeschaft en nu moet je op zoek naar nieuwe feestdagen)
  8. De inbox van je mail loopt dagelijks vol met talloze mailtjes van kledingwinkelketens en postorderbedrijven
  9. Je weet diep van binnen dat je geboren bent om te winkelen en gedwongen bent om te werken
  10. Het lukt je NOOIT om maar één ding te kopen (“Nee, echt, ik ga alleen een paar schoenen kopen!” Hahahaha!)
  11. Je vraagt standaard om het bonnetje zodat degene voor wie je het zogenaamd als cadeau hebt gekocht het nog kan ruilen (Soms schaam je je namelijk lichtelijk voor je obsessie!)
  12. Je kunt echt niet op vakantie naar een plek waar geen gelegenheid is om te shoppen
  13. Er is niets wat meer in je gedachten blijft hangen dan kleren die je niet gekocht hebt (WAAROM MOEST IK ME INEENS VERANTWOORDELIJK GEDRAGEN)
  14. In principe zou je wel twee jaar elke dag iets anders kunnen dragen
  15. Elke cent die je ooit verdiend hebt zit in kleding
  16. Je hebt klantenkaarten van elke bestaande (en failliet gegane) winkelketen
  17. Je hebt ALTIJD een goed excuus om iets nieuws nodig te hebben
  18. Je houdt obsessief in de gaten, via de track&trace-code, waar je nieuwe tas blijft
  19. Je kijkt nogal eens in je kast om er iets te vinden waarvan je je niet herinnert dat je het ooit gekocht of gedragen hebt (en inderdaad, het kaartje zit er nog aan)
  20. Je hoeft niet in therapie, want shoppen IS je therapie.
  21. Je hele carrière is erop gericht om ooit genoeg geld te hebben om limietloos te kunnen shoppen

    LEES OOK: Hallo Napoleon! Zo spot je de ware narcist!

Geschreven door