Waarom lachen vaak de beste reactie is (op bijna alles!)

Het lijkt een dooddoener van jewelste, maar vaak is de beste reactie om er maar gewoon om te lachen. Ja, ook om doffe ellende. Die ellende wordt er namelijk toch niet anders van. Maar die lach opent onverwacht wel nieuwe deuren.

Ik zal het nooit meer vergeten. Jaren geleden kwam een vriendin bij mij eten. Zij is zeer goedlachs en ziet overal altijd wel de grap van in. Alleen was er deze avond even weinig te lachen. Vond ik dan, want er was iets naars gebeurd in mijn leven. Geen drama van levens-veranderende proporties, maar toch naar genoeg om acuut een etentje met haar in te lassen om samen even de schade en ellende te bespreken.
Dus daar stond ik. Droevig in de pannen te roeren van de open keuken in mijn nieuwe huis, terwijl mijn vriendin vragen stelde. Want wat, en hoe, en wat gebeurde er toen… En halverwege mijn verhaal (nou dit, en op die manier, en toen gebeurde er dat…) barstte mijn vriendin na een korte stilte plotseling in een giechellach uit. Die overging in een enorme bulderlach. Waarna ze me minutenlang snikkend van de lach bleef aankijken, steeds opnieuw weer in lachen uitbarstte, met kleine pretogen van de ingehouden –want toch wat ongepaste- lol. En ik kon niet anders dan met haar meedoen. Gierend van de lach hingen we over mijn aanrecht, steeds als ik opnieuw aan mijn verhaal wilde beginnen bracht haar gehik en gesnik me weer van mijn à propos. Jankend van het lachen besloten we maar dat we er even over op gingen houden. Waarna ik haar de rest van de avond steeds opnieuw weer hoorde beginnen (“sorry Lies! Ik moet gewoon zo lachen!”). En ik dus ook.
Nogmaals: er was echt best iets naars gebeurd. En dat vond zij ook echt. Maar zij gaf mij die avond de allerbeste reactie die ik me had kunnen wensen. Al was het maar omdat ik me door het alternatief niet beter was gaan voelen.

Ik was dit voorval helemaal vergeten, tot een paar weken geleden. Waar ik even te maken kreeg met een probleem in de professionele sfeer, en dat probleem was eigenlijk best groot. En stom, en vreemd, en niemand begreep hoe het had kunnen ontstaan en waarom we het nu pas ontdekten. Maar het lag er intussen toch maar mooi, zo op tafel, tussen ons in. En hoe het ging ging het, maar middenin dat gesprek schoot ik ineens onbedaarlijk in de lach. Omdat iemand aan de andere kant van de tafel zó gortdroog en vilein kritiek leverde op het probleem, dat ik me gewoon niet meer kon inhouden en keihard begon te lachen. Echt dus, met heel veel hahahahahaha en o mijn god wat erg en sorry dat ik zo moet lachen maar ik kan het niet helpen het is zo grappigggggg en nog meer HAHAHAHAHAHAHAHAAAAAAAA.
Ja, genant. Maar reuze aanstekelijk, bleek. Dus zaten we voor we het wisten allemaal te gieren van de lach en vlogen even de vreselijkste grappen over de tafel. Maar tegen de tijd dat iedereen weer droge ogen had, waren er twee wonderbaarlijke dingen gebeurd. A) niemand was nog langer boos of gespannen en b) het probleem leek ineens op te lossen. Want zolang er niemand dood was, hoefden wij niet als een stel treurwilgen tegenover elkaar te gaan zitten, nietwaar? Laat staan dat we ons druk hoefden te maken. Daar verdween het probleem namelijk niet van. Het enige dat we deden door het probleem als probleem te benaderen, was dat het er alleen maar nóg groter en zwaarder van werd.

En eigenlijk geldt dat voor alles, en elke situatie. Ja, ook voor dieptreurige momenten als begrafenissen of ander ongewenst afscheid, al is de opluchting van lachen op dat soort momenten uiteraard relatief en vaak een kwestie van seconden waarin een lach een traan kan worden, en andersom. Toch, van alle begrafenissen waar ik in mijn leven bij was, herinner ik me zonder uitzondering uiteraard het verdriet. Maar ook de vaak emotionele lachbuien en grappen die die dagen tussen de bedrijven door een stuk draaglijker maakten. Ik heb weleens snikkend van de lach boven een glas whiskey gezeten, een half uur nadat we iemand een laatste groet hadden gebracht, om de simpele reden dat we ons ineens allemaal het vrij opvallende accent van de priester herinnerden. En we dat even uitgebreid na gingen doen, nu we hier toch zo zaten. Om half twee ’s middags op zomaar een woensdag, hard aan de drank. Zelden was de buikpijn van een lachbui opluchtender dan die middag. En nog steeds, jaren later, is het precies dát moment dat we allemaal nog graag aanhalen als het over die dag gaat.

Daarmee wil ik uiteraard niet zeggen dat je alles maar moet weglachen. Lachen om iets naars of pijnlijks kan zelfs ontzettend ongevoelig of dom overkomen als je de sfeer niet aanvoelt. Maar als je  wel ruimte voelt, als er genoeg aandacht voor de ellende is geweest, kan het lucht en lichtheid geven om op een zwaar of moeilijk moment altijd de humor te blijven zoeken. Dat is geen oppervlakkigheid denk ik. Dat is overleven en proberen niet overspoeld te raken door verdriet en ellende die het leven je soms geeft. Die twee worden er namelijk niet anders van als jij je helemaal door ze laat inpakken. Maar andersom word jij er wel anders van als je altijd probeert om licht en lucht toe te laten in ingewikkelde situaties. En het liefst met andere mensen erbij, die dat eventueel voor je kunnen doen, of met je mee kunnen doen. Omdat die situaties daardoor ineens weer nieuwe deuren krijgen. Deuren die jij misschien open kunt doen om je beter te voelen. Al is het maar even.

Ja, dat klinkt makkelijker gezegd dan gedaan. Maar ik zou zeggen: probeer het gewoon eens uit. In gespannen vergaderingen, in moeilijke gesprekken die je ter opheldering moet voeren, in oplossingsgerichte teamuitjes waar je geen zin in had, in een kibbelpartij met je geliefde over wie de vaatwasser uit moest ruimen, of in een troostend gesprek met die ene vriendin die er duidelijk helemaal doorheen zit en wel even een opkikker kan gebruiken. Stap er even uit, haal diep adem en lach erom. Zo hard als je kunt, en het liefst samen. Want het werkt, en het is besmettelijk.

Zo kreeg ik in navolging van mijn gesprek over het ‘probleem’ nog een telefoontje van een bezorgde betrokkene die vroeg hoe het ging en wat een verhaal en nouja ik heb net al een boze mail geschreven en… Maar ik heb die stemming moeiteloos binnen 10 seconden omgedraaid. Door te zeggen dat het wel goed kwam, en we erom hadden kunnen… lachen. Dát het ook ontzettend grappig was, ja zeg nou zelf, en dat het allemaal niet zo’n probleem was. Ja, boos worden, dát was een probleem. Maar als we er om konden lachen, kwam het allemaal wel goed, toch? Ja: a good laughter is the best medicine. Niet alleen voor je gezondheid, maar vooral voor je algehele mentale welzijn.
Stoppen we wel met lachen als wij er de reden van zijn dat er ooit, ergens, een groepje verdrietige mensen in een cafe om half twee ’s middags aan de whisky zit te lachen. Maar geen dag eerder, wat mij betreft.

Beeld: iStock

Lees ook: Als je liefdesbang bent (en waarom dat niet hoeft)

Geschreven door

Liesbeth is journalist en schrijver. Ze schrijft het liefst over dingen waar ze zelf ook mee bezig is. Is altijd op zoek naar inspiratie, en vindt dat meestal in de mooie, maar soms ook in de mindere dingen van het leven. Schreef bestseller: *Ik moet nog even kijken of ik kan - de stille revolutie van de introverte mens* (2017, Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar)

Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Vul hieronder je e-mailadres in en je krijgt van ons wekelijks een myndboost in je inbox.

Ja, ik ontvang graag de nieuwsbrief van Mynd. Mijn informatie wordt niet gedeeld met derden.

Nieuwsbrief?