Waarom retailtherapy helemaal zo slecht niet is

Niet voor niets luidt een briljant gezegde: “When the going gets tough, the tough go shopping.” Maar hoe erg is het nu eigenlijk echt om jezelf op te beuren met een goed geplaatste shopping spree op z’n tijd? Suzanne weet er wel raad mee.

Vijftien jaar oud was ik en kwam net terug van de kapper. Mijn lange haar was te kort geknipt. Maar dan ook echt heeul veeul korter dan het in mijn ogen had moeten zijn. Stilletjes had ik de zaak verlaten om thuis huilend mijn (werkende) moeder op te bellen. Hoe kon ik me ooit zo op school vertonen?! Mijn kleren stonden nu allemaal niet meer! En zou er nog een jongen op deze aardbodem te vinden zijn die mij knap zou vinden met dit korte haar?! Even zag ik het leven – oh, drama – helemáál niet meer zitten. Tot mijn moeder met een eureka-moment op de proppen kwam om mijn zelfmedelijden tot een halt te brengen. “Waarom ga je niet gewoon even wat leuks voor jezelf kopen?” vroeg ze. En bij zoveel wijsheid hielden de tranen vanzelf op met stromen. Want het werkte: ik ging naar het winkelcentrum, kocht er een jas en voelde me instant een vrouw van de wereld. Een new and improved versie van mezelf. En zo kwam ik in aanraking met retail therapy.

Vandaag de dag maak ik me er nog steeds schuldig aan. Niet eens zozeer als ik verdrietig ben of het leven dramatisch gezegd ‘niet meer zie zitten’. Maar eigenlijk om me zomaar – tussendoor – even goed te voelen. Want ik vind niets zo fijn als nieuwe kleren. Dat gevoel als je een waanzinnig nieuwe trui scoort bij Zara, die je hele kledingkast met tien stylingopties uitbreidt, is gewoon beyond satisfying. Op zo’n moment – ook als het meetbaar niet zo is – zit mijn haar net even wat beter, ben ik een paar centimeter slanker en ben ik in lengte ook even gegroeid. En ook al duurt die fix maar een dag, mij heb je gewoon. De Ross school of Business van de Universiteit van Michigan concludeerde in 2014 al dat retail therapy kan helpen om negatieve emoties te verlichten. Shoppen gaf mensen een gevoel van controle. En mensen die daadwerkelijk iets kochten waren drie keer minder sip in vergelijking tot mensen die alleen maar ‘rondkeken’. Nou dan!

Toch wilde ik ook ooit eens proberen of ik zonder zou kunnen. Hoewel het me enigszins moeite kostte, is het me een aantal jaar geleden gelukt om een half jaar helemaal NIETS aan kleding te kopen. Was ik in die periode ongelukkiger? Nou nee. De grootste les uit die tijd is dat ik me eigenlijk altijd wel goed voelde – ook al had ik geen nieuwe kleren gekocht. Die fixes had ik dus niet nodig. Maar de grootste conclusie trok ik eigenlijk in die periode daarna. Want hoewel ik prima zonder shopping sprees kon, ik vond het wel stukken leuker mét. Daarom vind ik dat ik me eigenlijk niet schuldig hoef te voelen als ik weer eens een rondje Zara en H&M doe om me in het nieuw te steken. Zolang ik de financiële consequenties kan overzien en me over het algemeen kan inhouden, maak ik mijn ‘gewone’ leven een keer in de zoveel tijd een beetje leuker. Iemand moet de slingers in het leven ophangen, toch?

Lees ook: De timing van deze foto’s kón niet beter

Geschreven door