Waarom wraak weliswaar lekker is, maar niet constructief

Tot mijn schaamte moet ik bekennen dat ik een behoorlijk wraakzuchtig persoon ben. Ik ben heel aardig en ik wil ver met je gaan, maar flik me geen kunstjes, want dan kom ik je halen. Oog om oog, tand om tand, ja, daar ben ik wel van.

Niet bepaald een eigenschap om trots op te zijn natuurlijk. Gelukkig ben ik niet de enige die niet vies is van een beetje vergelding. Wraak willen nemen als ons iets is aangedaan is een natuurlijke impuls. Maar, net zoals met zoveel dingen: dat het kán, betekent niet dat je het ook maar moet dóen. Een rondje revanche voelt namelijk misschien best wel even lekker, maar echt een goed idee is het eigenlijk niet.

In mijn jonge jaren ben ik helaas eens tegen een man aangelopen die van het foute soort was. Na een jaar lang dagelijks fysiek en geestelijk geweld ben ik aan hem ontsnapt. Ruim tien jaar en een aanzienlijk aantal behandelingen voor PTSS verder, kan ik wel zeggen dat ik het redelijk achter me heb gelaten. Maar de behoefte om hem een koekje van eigen deeg te geven is nooit helemaal weg gegaan. Nog steeds heb ik soms fantasieën waarin ik de man in kwestie zich net zo klein en hulpeloos laat voelen als ik me destijds heb gevoeld. Nog steeds wens ik hem af toe de meest vreselijke ongelukken en ziektes toe. Zou ik een gevoel van bevrediging overhouden als ik hem net zo kon kwetsen als hij mij heeft gekwetst? Ja, ik denk het wel. Op de korte termijn in ieder geval. Dicht het op de lange termijn ook het gat dat hij in mijn binnenste heeft geslagen? Nee, ik weet vrij zeker van niet. Sterker nog, ik denk dat het er misschien eigenlijk alleen maar groter van zou worden.

De neiging om wraak te nemen als ons iets wordt aangedaan zit er ingebakken vanaf het moment dat we ons bewust zijn van onszelf. Kijk bijvoorbeeld maar naar kinderen: maakt een peuter iets stuk van een ander kindje, dan heeft het slachtoffer automatisch de neiging om ook iets van de dader te vernielen. Het gevolg: twee gebroken stukken speelgoed en een gebroken vriendschap. Leren we daarvan? Nee, niet echt. Later, op de middelbare school, pakken we die ene achterbakse vriendin die stiekem geruchten over ons heeft verspreid terug door net zo hard over haar te roddelen. Weet zij ook eens hoe dat voelt. En word je geconfronteerd met een overspelige partner? Dan zijn er genoeg mensen die óók met een ander de koffer in duiken, of er in ieder geval over fantaseren de afvallige partner met gelijke munt terug te betalen. Dat geeft ons namelijk een beter gevoel over wat ons is aangedaan. We willen dat de ander dezelfde pijn voelt als wij. Want dat is toch wel zo eerlijk?

Psychologische onderzoeken hebben aangetoond dat wraakgevoelens de delen in ons hersenen activeren die ons een fijn gevoel geven. Alleen al fantaséren over het uitdelen van straf aan iemand die ons onheus bejegend heeft zorgt voor een euforische sensatie. Evolutionair gezien had dit proces zelfs een duidelijk doel: de eerste mens had meer overlevingskansen in een groep en als de rust binnen die groep verstoord werd door iemand die zich oneigenlijk gedroeg, dan was het dus zaak dergelijk gedrag zo snel mogelijk de kop in te drukken. Dan wist je namelijk zeker dat de rebel zich voortaan wel koest zou houden en liep je niet de kans dat de groep uit elkaar zou vallen. Ben je dus, net zoals ik, wraakzuchtig aangelegd, dat betekent dat gelukkig niet gelijk dat er in je bovenkamer iets mis is. Eigenlijk betekent het gewoon dat je een mens bent.

Heel even voelen we ons oppermachtig, op het moment dat we degene die ons gekwetst heeft dat koekje van eigen deeg geven. Maar dat gevoel duurt doorgaans niet erg lang. Als de eerste rush van de wraakactie is neergedaald, blijkt dat er eigenlijk niks veranderd is. Want: jij bent nog steeds gekwetst, boos en/of verdrietig. Je voelt je nog steeds in de kou gezet door iemand zonder dat je weet waarom, of zonder dat je een welgemeend excuus hebt gekregen. En, erger nog: nu heb je ook nog eens iemand anders een rotgevoel bezorgd en je eigen integriteit te grabbel gegooid. Het spreekwoord luidt tenslotte niet voor niets: wat u niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. En hoe, cliché ook, waar is het wel.

Gelukkig hoeven we tegenwoordig niet meer jagend en verzamelend door gevaarlijke bossen te trekken. En hebben dus de keus om mensen die ons iets aandoen simpelweg uit ons leven te bannen. We zijn namelijk niet meer van hen afhankelijk om te kunnen overleven. In plaats van de messen te slijpen als we onheus bejegend te worden kunnen we ons dus beter omdraaien en de spreekwoordelijke high road nemen. En dat doe je zo:

  1. Accepteer het gebeurde. Je kunt de tijd niet stil zetten. Wat gebeurd is, is gebeurd. Incasseer het en ga verder. Dat betekent niet dat de gevoelens die je erover hebt automatisch ook verleden tijd moeten zijn, maar wraak nemen verandert niks aan wat er gebeurd is en hoe je je daarbij voelt.
  2. Geef toe aan je pijn. Boosheid en snode plannen smeden zijn goede manieren om gekwetste gevoelens en verdriet naar de achtergrond te drukken. Ze geven namelijk adrenaline en daar kun je lang op lopen. Echter, je kunt pijn wel begraven, maar uiteindelijk vindt het toch weer een manier om boven te komen. De enige manier om verdriet en pijn te laten verdwijnen, is door jezelf toe te staan het te voelen.
  3. Laat het gaan. Zodra je jezelf hebt toegestaan je pijn te voelen en ervaren hebt wat het is om gekwetst te zijn, is het tijd om het gebeurde te laten gaan. Vasthouden aan het verleden resulteert vaak in verbitterdheid en starheid. Beter is om vooruit te kijken en te inventariseren wat je nodig hebt. Degene die jou gekwetst heeft bijvoorbeeld open en eerlijk vertellen hoe jij dat ervaren hebt en vervolgens voor jezelf besluiten of je diegene nog in je leven wilt toelaten.

Dus: word je glimlachend wakker na een euforische wraakdroom en sta je op het punt op oorlogspad te gaan om de degens te kruisen met je Nemesis? Slaap er liever nog maar een nachtje over. Je bent namelijk geen holbewoner met een knots meer, ook al vertelt je brein je soms van wel. De moderne mens wordt niet gelukkig van vergelding. Wel van de verstandigste zijn. En trouwens: uiteindelijk krijgt iemand toch wel wat ‘ie verdient. Want karma is a bitch. Dus dan hoef jij dat niet meer te zijn.

Geschreven door