Waarom we zo boos kunnen worden in het verkeer

Autorijden is een emotioneel gebeuren waarbij keurige types zich ontpoppen tot aso’s die schelden, afsnijden en bumperkleven. Hoe kómt dat toch? Waarom gaan we metéén schelden?

Je kent het wel. Een dikke BMW haalt je op de snelweg in, van rechts en zonder zijn knipperlicht te gebruiken. Je schrikt. Kunt niet anders dan hard op de rem trappen. Bij het eerstvolgende stoplicht stop je net achter zijn bumper om dingen te roepen als: achterlijke gek, klootzak! Niet dat hij het kan horen met de ramen dicht, maar toch, je hebt er wat van gezegd. Achter het stuur komt onze inner aso naar boven. Ook als je van nature kalm en beleefd bent, zul je het herkennen. Je bent eerst geschrokken en ontdaan, maar dan ontvlamt er een felle boosheid.

Wat gebeurt hier nou eigenlijk? Door psychologen wordt het proces waarbij we ons tot een aso ontpoppen deïndividuatie genoemd. We verliezen ons verantwoordelijkheidsgevoel als individu, waardoor we minder remmingen voelen bij het laten zien van afwijkend gedrag. Het idee dat we toch anoniem zijn, is hierbij een belangrijk ingrediënt. Wat ook meespeelt is dat we deel uitmaken van een groep, en je niet verantwoordelijk wordt gehouden voor je daden. Denk ook aan fora, waar bezoekers met anonieme berichtjes zich van een keiharde kant laten zien.

In de auto gebeurt er ook zoiets, stelt journalist Tom Vanderbilt in zijn boek Traffic: Why We Drive the Way we Do. De auto voelt als een schild om ons heen, we worden omringd door anderen (onderdeel van een groep) er getuige van zijn hoe jij bruut werd afgesneden (door een anoniem persoon). Je wordt roekeloos, egoïstisch en oncontroleerbaar. We vinden onze reactie gerechtvaardigd is, want het aso-gedrag wat daar zojuist werd tentoongesteld, dat is toch niet te geloven!?

In een uurtje autorijden worden we gemiddeld twee keer boos (onderzoek RUG, 2006). Maar uit het boek van VanderBilt blijkt óók dat onze beoordelingen van andere weggebruikers vaak te zwart-wit zijn, en dat we ronduit verkeerde inschattingen maken. Onze boosheid maakt ons niet alleen schaamteloos, maar ook minder objectief. Niet onmogelijk dat er iets gebeurde wat je net aan je aandacht is ontsnapt. De BMW-bestuurder week bijvoorbeeld uit voor een voorbij vliegend stuk puin. Communiceren wat er net is gebeurd, lukt hem niet. Want je kunt je in de auto slechts uitdrukken met toeteren, handgebaren en knipperen met je lichten. Zijn identiteit is gereduceerd tot het merk van zijn auto. En zo laat je de BMW-bestuurder gefrustreerd achter.

Geschreven door