Als je bang bent om gelukkig te zijn (want: wat als het toch weer misgaat?)

Iedereen wil gelukkig zijn. Gelukkig zijn is tenslotte het fijnste dat er is. Toch zijn er mensen die stiekem liever níet gelukkig zijn, Of, beter gezegd: niet gelukkig dúrven zijn. Omdat ze bang zijn dat het uiteindelijk toch mis zal gaan. Paranoia? Misschien. Het is in ieder geval heel vervelend.

Ik heb dus Fear of Happiness. Want ja, er is een naam voor wat mensen zoals ik ervaren. De beste vertaling is misschien het letterlijke ‘geluksangst’; bang zijn om gelukkig te zijn en je eraan over te geven. Voor wie in staat is ervan te genieten als het goed met hem gaat, of als hem iets moois overkomt, klinkt dit waarschijnlijk als iets belachelijks voor neurotische mensen met te weinig waardering voor de goede dingen in het leven, maar zo eenvoudig is het niet. En, vooropgesteld, ik vind het zelf ook heel erg stom. Want natuurlijk zou ook ik geluk wel van de daken willen schreeuwen, net zoals iedereen en zoals het hoort als je gelukkig bent. Want gelukkig zijn, dat moet je vieren. Dat moet je vóelen en je moet je erin wentelen. Maar het lukt me gewoon niet. Ik ben namelijk veel te bang dat op het moment dat ik dat doe, alles meteen weer in elkaar stort. Dus ik durf er niet in te geloven.

Toen ik tijdens oud & nieuw met mijn man terugkeek op het afgelopen jaar, moesten we concluderen dat het een goed jaar geweest was. Een rustig jaar, een stabiel jaar. Natuurlijk, er waren ook vervelende en moeilijke momenten geweest, maar bij lange niet zoals in de jaren die we hiervoor hadden gehad. Want we hebben de afgelopen jaren nogal wat ellende voor onze kiezen gekregen. Maar nu, nu leek het tij zich dan toch gekeerd te hebben. En ook de vooruitzichten voor 2018 zijn rooskleurig. Heerlijk, zou je zeggen. Lekker achterover leunen en ervan genieten. Maar in plaats daarvan raakte ik danig in paniek. En dat ben ik nu nog steeds. Na zeven jaar van moeilijkheden, zorgen, stress, en heel veel verdriet, lacht het leven mij aan alle kanten toe. Ik heb een gelukkig huwelijk, drie geweldige kinderen, een leuke baan, geen financiële zorgen en met iedereen die wij lief hebben gaat het goed. Smooth sailing dus en er is geen enkele reden om aan te nemen dat dat binnenkort zal veranderen. Maar voor mijn gevoel kan er ieder moment een piano op mijn hoofd vallen.

De afgelopen jaren is er namelijk zoveel naars gebeurd, dat ik door alle stress en het constante troubleshooten niet meer weet hoe het is om een rustig, kabbelend, ontspannen bestaan te hebben. Ik betrap mezelf erop dat ik, nu er steeds minder is waar ik me druk om hoef te maken, rusteloos word als er te lang geen stront aan de knikker is. Niet alleen weet ik gewoon niet meer hoe het moet, relaxed leven, ik geloof er ook helemaal geen zak van. Dat dat zomaar kan, dat alles gewoon goed gaat. Zomaar. Alsof het niks is. En zonder de adrenalinekick van het altijd op de toppen van je kunnen moeten functioneren om je staande te kunnen houden, voelt het raar. Leeg, alsof er iets mist. Omdat alles went, zelfs ellende. Het gaat bij je horen en ook al kun je het beter kwijt dan rijk zijn, als het dan uiteindelijk weg is, voel je je toch incompleet. Onveilig. Want ook al was het niet leuk, je kende het tenminste. En wat je ervoor terugkrijgt, dat is nog maar de vraag.

Er is nog maar empirisch weinig onderzoek gedaan naar de angst voor gevoelens van welbehagen, maar psychologen zijn het er wel over eens dat een belangrijke factor is dat mensen bang zijn dat als ze zichzelf toestaan gelukkig te zijn, hun situatie al snel weer bergafwaarts zal gaan. Sommige mensen forceren daarom opzettelijk hun eigen geluk, door zichzelf op één of andere manier in situaties te storten waardoor ze problemen krijgen. Dan voelen ze zich weliswaar weer vervelend, maar ze hoeven in ieder geval niet de hele tijd bang te zijn dat het goede wat ze hadden hen zomaar opeens, zonder dat ze daar zelf invloed op hebben, weer wordt afgenomen. Zo erg is het gelukkig bij mij niet, maar ik kan niet ontkennen dat ik regelmatig in de figuurlijke zin over mijn schouder kijk in een poging het in mijn ogen onvermijdelijk naderende onheil van een afstand aan te kunnen zien komen. Heel vermoeiend, wat ik wil helemaal niet de hele tijd op mijn hoede hoeven zijn. Ik wil niet leven de in schaduw van dat Zwaard van Damocles dat naar mijn idee altijd boven mijn hoofd hangt. Ik wil gewoon genieten van mijn gelukkige leven! Want als de Apocalypse dan morgen inderdaad komt, kan ik in ieder geval zeggen dat ik lachend ten onder ben gegaan.

De beste manier om van je angst voor gelukkig zijn af te komen lijkt vooralsnog de tactiek die bij de meeste fobieën wordt toegepast: de patiënt confronteren met waarvoor hij bang is. Dus net zoals je iemand met pleinvrees voorzichtig de straat op begeleidt, net zolang tot ‘ie in z’n eentje op Koningsdag op de Dam in Amsterdam durft te gaan staan, dwing je de geluksangstige langzaam steeds een beetje gelukkiger te zijn. Mensen die bang zijn om gelukkig te zijn moeten proberen beetje bij beetje steeds meer geluksgevoelens toe te laten. Dat betekent dus niet dat ze zomaar opeens zingend door het leven moeten, maar bijvoorbeeld dat ze beginnen met iedere ochtend bij het wakker worden even te blijven liggen en zich te realiseren dat er weer een onbezorgde dag is aangebroken. En dat ze daarvan mogen genieten. Het is, kortom, eigenlijk gewoon een kwestie van vertrouwen. Vertrouwen krijgen in het leven. En dat is nou eenmaal moeilijk terug te krijgen als dat leven je al eens in de steek heeft gelaten. Moeilijk, maar gelukkig niet onmogelijk. Want tijd heelt nou eenmaal toch uiteindelijk alle wonden.

Inmiddels is het nieuwe jaar alweer bijna een maand oud en is er nog steeds geen piano op mijn hoofd gevallen. Dat geeft de burger moed. Als het zo doorgaat ga ik straks dansend door het leven. Stel je voor zeg. Dan kan ik mijn geluk niet op.

Beeld: iStock

Lees ook: Je dromen volgen: niemand houdt je tegen.

Geschreven door