Hoe ouder, hoe gelukkiger (alleen een beetje jammer van die rimpels!)

Ouder worden associëren we vooral met verval. Maar onderzoek na onderzoek wijst uit dat er zoveel meer leuke dingen tegenover staan. Het is echt waar: hoe ouder, hoe gelukkiger. Wacht maar tot je 50 bent! 

Een vriendin van mij is in therapie. Omdat ze bang is om oud te worden. Ze is nu 35. Maar eigenlijk 25, want vanaf die leeftijd heeft ze besloten de tijd stil te zetten. Omdat ze haar eigen vergankelijkheid niet aan kan. Onzin, vond ik altijd. Helemaal niks mis met ouder worden. Dat was een paar jaar geleden, toen ik zelf nog daadwerkelijk jong, strak en glad was. Inmiddels ben ik zelf 36 en betrap ik me op gedachten als: “Het is bijna voorbij” (de tijd dat ik nog gelegitimeerd in een rokje over straat kan dus) en “Hmm… Botox?” Het idee dat ik nog maar een paar jaar van de 40 verwijderd ben, vind ik angstaanjagend. Maar, waarom eigenlijk? Want uit onderzoek blijkt: hoe ouder, hoe gelukkiger!

Ouder worden. Voor menig vrouw een schrikbeeld. Het wordt tenslotte alleen maar minder, denken we. Soms, als ik op de bank zit en de huid van mijn armen onheilspellend zie rimpelen in de plooien, moet ik echt even slikken. Want: hoezo laat mijn lijf het er nu al bij hangen?! Ik ben pas halverwege de 30, sta middenin het leven. Dan kan het toch niet zo zijn dat ik de kipfilets er al bijna bij heb hangen? “Mama, je ziet er nog goed uit, op je ouwe dag”, zei mijn 3-jarige dochter laatst, bij wijze van compliment. Tja. Je bent zo jong als je je voelt? Dat gaat dus gewoon echt niet op. Want ook al voel ik me in mijn hoofd nog steeds 22, mijn lichaam komt daar duidelijk niet meer mee weg. Als ik door de stad loop, moet ik tot mijn schrik constateren dat iedereen minstens vijf jaar jonger (en dus strakker) is dan ik. Echt, youth is wasted on the young. Want als ik geweten had dat mijn vel nu al los zou gaan zitten, had ik meer genoten van mijn jonge zelf. En nu is het te laat. Over the hill.

Een misvatting, volgens psychologen. Onderzoek wijst namelijk uit dat hoe ouder je wordt, hoe gelukkiger je je voelt. Ja, ondanks die kipfilets onder je armen dus. Wij vrouwen verzetten ons er collectief tegen, dat ouder worden, maar eigenlijk misgunnen we onszelf daarmee een heleboel. Hoe ouder een vrouw wordt, hoe minder ‘zorghormoon’ oestrogeen er door ons lichaam wordt aangemaakt. En dat zorgt er, kort door de bocht, weer voor dat we ons minder van alles aantrekken. De behoefte om het iedereen altijd maar naar de zin te maken neemt af. En dat geeft heel veel rust. Vrouwen die het vroeger een ramp vonden als ze een keer een verjaardag vergaten, of hun mond niet durfden open te doen als hen iets niet beviel, trekken zich daar na de overgang veel minder van aan. De ouder wordende vrouw komt plotseling tot de ontdekking dat het eigenlijk wel fijn is om niet altijd maar bij iedereen in de smaak te hoeven vallen. Ouder worden geeft weliswaar rimpelend vel, maar ook meer vrijheid.

De mooie kanten van het ouder worden zien we niet zelden over het hoofd. Omdat de angst regeert. De angst voor het verval. De angst om niet meer mee te doen. Natuurlijk, ons lichaam begint met het verstrijken van de jaren af en toe te haperen. We moeten aan de bril, de anti-rimpelcrème en het corrigerend ondergoed. En het is nou eenmaal best confronterend om opeens je cellulitis in een lapje spandex te moeten proppen, omdat je anders niet meer wegkomt  met die ultrastrakke skinny jeans. Maar, hoewel de ouderdom inderdaad komt met de nodige gebreken, zijn er juist ook zoveel voordelen. Want hoewel onze fysieke frisheid afneemt, doet ons levensgeluk dat juist niet.

Amerikaans onderzoek toont aan dat mensen vanaf 50 jaar het gelukkigst zijn en zelfs tot hun 85ste alleen maar gelukkiger worden. Volgens wetenschappers maakt ons geluksgevoel gedurende ons leven een soort ‘U-turn’, met een piek op onze 18e, om vervolgens weer behoorlijk in te zakken totdat we ongeveer 50 jaar zijn. Daarna gaan we weer klimmen op de geluksladder. Rond die tijd ervaren we steeds minder stress en gaan we ons minder zorgen maken. Alsof alles opeens een versnelling lager kan en we eindelijk de tijd nemen om rust te vinden in onszelf. De ratrace is namelijk voorbij. Het wijd verspreide idee van de sombere oudere die achter de geraniums stil en eenzaam zit te verpieteren is een hardnekkig vooroordeel. Steeds meer oudere mensen omarmen het leven juist als nooit tevoren en doen meer dan ooit waar ze echt gelukkig van worden. En zeg nou zelf, dat klinkt toch best aantrekkelijk?

Want nee, het is niet leuk om opeens dagelijks voor de spiegel je kraaienpoten dicht te moeten smeren met een extra laag foundation. Of plotseling de krant te moeten lezen met een varifocusbril. Maar daar staat tegenover dat je waarschijnlijk meer ontspannen in het leven staat. Dat je van al je ervaringen hebt geleerd en daardoor een stuk steviger in je schoenen staat. En dat is misschien wel meer waard dan een jong lijf dat helemaal strak staat van de stress. De ouderdom komt met gebreken, maar de wijsheid met de jaren. Ik omarm voortaan ieder jaar dat extra kaarsje op de taart. En ik neem een extra stuk, want voortaan denk ik maar: voor iedere put weer een stukje rust. Nog 14 jaar tot de 50. Ik kan bijna niet meer wachten.

Lees ook: Dit zijn de 9 lessen die ik leerde van mijn 100-jarige oma.

Geschreven door