Wensvader gezocht: onverwacht nieuws

Na negen maanden (hoe symbolisch!) daten besluiten Merel en het homostel Jochem en Selim ervoor te gaan: samen proberen een kindje te krijgen. De eerste inseminatieronde hebben ze achter de rug en nu is het wachten. Dan komt er nieuws dat ze nooit hadden verwacht.

Een week na de laatste inseminatie vertrek ik voor tien dagen naar Sardinië. Een vriendin van me woont daar met haar Sardijnse geliefde. Als op dag twee de hitte wat gaat liggen, hijsen we haar drie honden in de auto en rijden naar het meer in de buurt. Terwijl ik de kronkelwegen afrijd, vertel ik haar over mijn spannende babyproces. Dat ik inmiddels bijna een jaar geleden begonnen ben aan mijn zoektocht naar de papa’s van mijn kindjes, ik in oktober twee hele fijne jongens heb ontmoet, en we vorige week aan het insemineren zijn geslagen. En dat komende week het moment van de waarheid zal zijn. Zal ik ongesteld worden?

We doen elke ochtend yoga, ik probeer niet te diep te twisten, want ja, stel je voor dat ik de delende celletjes meteen uit elkaar draai. Het voelt totaal overdreven, maar ook fijn, om de mogelijkheid tot zwanger zijn te omarmen.

Maandag gaat voorbij, de dag waarop ik ongesteld moest worden. Ik denk: Was het niet de ochtend erop de vorige keer? Dan komt het vast morgen. Geen teleurstelling, geen gedoe, het zeurderige gevoel in mijn buik wijst simpelweg op ongesteldheid. En dit is een proces, heb ik mezelf ingeprent, het begin van een fantastisch traject.

Dinsdag komt en gaat voorbij. Twaalf uur te laat nu, maar nog geen reden tot het inslaan van voordeelverpakkingen luiers, lijkt me. Woensdagochtend word ik wakker, op de wc speur ik in mijn ondergoed. Geen bloed. Niets. Rustig blijven, niet te hard van stapel lopen. Het verhaal dat mijn vriendin een week eerder vertelde heeft me bescheidener gemaakt. Zij en haar vriend proberen al twee jaar zwanger te worden, ze heeft inmiddels drie miskramen gehad, telkens een week na haar positieve zwangerschapstesten. Inmiddels is ze de medische molen ingestapt. Het maakte dat ik me suf voelde, als een naïeve puppy die denkt dat zoiets gewoon wel komt, een zwangerschap.

Woensdagochtend. Nog steeds niets. Nee, dit kan niet, het komt vast zo. Mijn verwachtingen blijven laag, ik weet dat je door je wensen en verwachtingen soms opeens ook laat kan zijn. Toch ben ik hyperbewust van alles wat er gebeurt in mijn lichaam, ik registreer iedere speldenprik. Naarmate de dag vordert voel ik de druk in mijn onderbuik toenemen. Ik heb plasaandrang terwijl er vaak niet meer dan druppels uitkomen. En is dat een zweem misselijkheid? Dit moet ik me verbeelden, je word toch pas misselijk na week zes ofzo? Psychisch zeker!

‘s Avonds gaan we naar het meer om met de honden te zwemmen en kan ik officieel aan niets anders meer denken. Ben ik zwanger ben ik zwanger oh mijn god ik denk dat ik zwanger ben dat kan toch niet straks ben ik meteen de eerste keer zwanger is dat wel goed dat kan niet goed zijn dat kan niet kloppen het eerste het beste eitje met het eerste het beste zaadje dat kan toch niet goed zijn straks krijg ik ook een miskraam net als mijn vriendin nee het kan überhaupt niet!

Eenmaal in bed kan ik niet slapen. Heb ik me tot nu toe ingehouden, nu ga ik los. Ik pak mijn telefoon van het kastje naast mijn bed en google vroege zwangerschapssymptomen. Buikpijn, plasdrang, pijnlijke borsten. Telkens als ik weer iets voel, google ik het opnieuw, alsof ik dan opeens op een site zal belanden waarop zal staan of Merel Remkes soms zwanger is. Ik google due date en bereken wanneer ik uitgerekend zou zijn als ik inderdaad zwanger ben. Half maart 2018. Of ik me wil inschrijven voor de nieuwsbrief, verschijnt in beeld, dan kan ik op de hoogte blijven van de ontwikkeling van mijn kindje. Ik voel me betrapt en klik de pagina snel weg. Alsof ik illegaal porno heb zitten kijken, een wereld heb betreden die de mijne niet is.

Met vier uur slaap achter de kiezen stap ik donderdag op de trein naar het vliegveld. Terug naar Nederland, naar Jochem en Selim en een zwangerschapstest. Ik ben doodnerveus als ik de thuiskom. Misschien omdat alle uitkomsten onmogelijk zijn, omdat ik straks ontmaskerd zal worden, ik voor gek zal staan als blijkt dat het niet zo is, omdat ik niet meer weet van wie dit leven is, dit hóórt toch niet? Om zes uur gaat de bel, Selim. Terwijl ik tegen mijn aanrecht aangeleund sta vertelt hij over zijn werkdag, de lange vergaderingen en ik denk: Wát? Wát? Waar hééft hij het over? Ik wil heel hard en hysterisch lachen en over de grond rollen, maar ik wrijf mezelf in mijn gezicht en probeer naar zijn verhaal te luisteren.

Vijf over zes, de bel gaat weer. ‘HALLO!’ roep ik. Er klinkt een stem, ik gil, druk de deur open en kwak de hoorn op de intercom. Dan opeens speelt het ‘gesprekje’ zich opnieuw af, en hoor ik het woord ‘pakketje’ in mijn hoofd. O fuck, ik heb zojuist in het oor van een pakketbezorger gegild. Beschaamd sluip ik naar beneden, maar de deur is alweer dicht en het pakketje staat in de gang. Boven gaat de bel opnieuw, nu durf ik niet meer op te nemen, alsof de pakketbezorger terug is gekomen en ook in mijn oor gaat gillen. Selim doet open. Jochem komt boven met een bos bloemen.
Ik spring op. ‘Ik ga die test nu doen, hoor.’
Ze knikken. Als ik naar de trap loop vraagt Jochem welke vaas hij zal gebruiken voor de bloemen.
‘Doe maar iets, ik kan niet meer nadenken!’ roep ik. ‘Al stop je ze in je hol, ik vind alles goed. IK. GA. NU. EEN. ZWANGERSCHAPSTEST. DOEN.’

In de badkamer scan ik de gebruiksaanwijzingen van de zwangerschapstest door. Ja ja ja het zal wel, nee Merel lezen, straks doe je het fout. Dopje eraf. Ik probeer gecontroleerd over het uitsteeksel te plassen, maar als ik te weinig druk zet straalt het naar achteren en met meer kracht plas ik over de hele test en mijn hand heen. Aah! Straks is mijn plas op en heb ik alles ondergezeken behalve dat uitsteeksel. Tien seconden ook nog, wie heeft dat verzonnen. Plas, plas, plas, doorplassen, dan maar over mijn hand heen.

Ik leg de test op de wasbak, draai de kraan open om mijn hand af te spoelen. De twee venstertjes op de test zie ik roze kleuren, de urine doet zijn werk. Afvegen, broek aan, doortrekken, handen nog even goed wassen. Vijf minuten wachten stond er. Als ik de test pak zie ik dat de roze kleur vervaagt, in venstertje twee wordt al een scherpe controlestreep zichtbaar, maar dan zie ik venstertje één. Ook een streepje. Vaag, maar onmiskenbaar. Na twintig seconden is er al iets te zien. Ik kijk snel op de gebruiksaanwijzing, telt een vage streep ook? Ja. Geen streep is geen streep. Een vage streep is een streep. En twee strepen in totaal betekent zwanger. Is het echt?

Met de test loop naar boven. Nog op de trap zeg ik: ‘Jongens, er zijn gewoon twee strepen zichtbaar. Nu al.’
‘Hè!?!’ Jochems stem slaat over. ‘Neeeee…’ Daar sta ik, bovenaan de trap, met de test en kijk in Jochems opengesperde ogen, zijn mond verfrommeld, alsof hij een lach inhoudt waarvan hij nog niet zeker weet of die er wel is.
Selim staat ernaast, rustig. ‘Ach, je hoeft niet zo te trillen,’ zegt hij en pakt mijn handen vast.

Ik bel mijn moeder.
‘Het is echt zo,’ zeg ik. ‘Ik ben zwanger.’
‘Ja echt?!’ roept ze. ‘Och lieverdje, dit wilde je al zó lang zó graag.’
‘Ja,’ piep ik.
Dan mijn vader, stiefmoeder en zusje. ‘Over acht maanden worden jullie opa en oma. En tante.’
Er klinkt een immens kabaal, mijn zusje heeft het op een gillen gezet, er klinken kreten. Later zal mijn zusje vertellen dat onze ouders prompt de kamer waren uitgelopen, zo hard schreeuwde ze. Ik luister naar het kabaal en begrijp niet helemaal wat er gebeurt. Er klinken woorden.
Ik vraag: ‘Praat iemand tegen mij? Ik weet niet wat je zegt.’ Mijn verstand is teruggebracht tot een vierkante centimeter, iedereen moet in éénlettergrepige woorden praten, anders snap ik het niet.
‘Ik ben gewoon even emotioneel,’ hoor ik mijn zusje snikken.
‘Och zussie.’ Ik laat me op de bank zakken. Waarom ben ik nu niet daar eigenlijk, ik wil haar knuffelen, ik wil ze allemaal knuffelen.
Maar ik ben hier, met Jochem en Selim, mijn jongens. We krijgen een kindje.

Lees ook: Wensvader gezocht! It’s on: inseminatieronde numero uno!

Geschreven door

Merel is freelance journalist. Ze houdt ervan het leven en zichzelf grondig te onderzoeken en daar uitgebreide analyses op los te laten. Verder houdt ze ook nogal van filmpjes over poezen. En luiaards. En rennende minivarkentjes en springende geitjes (liefst van de rug van een paard). Kortom: vaak komt Merel dus niet echt aan schrijven toe.