14 dingen die je herkent als je heel lang bent

Mariëtte is nogal lang: ruim boven de 1.80 m. Dat weet ze zelf wel, maar, heel gek, mensen vertellen het haar ook altijd. En zo zijn er nog meer dingen die (bijna) alle lange mensen overkomen.

Lees ook: Er is één uiterlijk aspect waar we allemaal als een blok voor vallen

Met gym viel het het meeste op. Om redenen die me inmiddels zijn ontgaan moesten we op de basisschool tijdens de gymles vaak op volgorde van lengte gaan staan en dan stond ik altijd aan het einde van zo’n rij. Ik sloot hem niet, want één vriendinnetje was nog langer, maar ik hoorde bepaald niet bij de kleintjes. Bij volley- dan wel basket- dan wel trefbal werd ik dan ook altijd vrij snel gekozen, al heb ik het balgevoel van een aardbei. Maar ik kon wel lekker hard over het net slaan.

Inmiddels ben ik, ongeveer, 1.83 m. Hoewel ik laatst bij het gemeentehuis voor de lol eens onder zo’n meetlat ging staan en ik 1.86 bleek, maar ik had schoenen aan. In elk geval langer dan de gemiddelde medemens en lang genoeg om op dat vlak de aandacht te trekken. Er is iets geks aan de hand, want hoewel je zou verwachten dat iedereen begrijpt dat je je eigen lengte wel weet, hoor ik minstens één keer per week: jij bent lang. Ik weet nooit zo goed wat ik dan moet zeggen. Ja, weet ik? Jij niet? Zelf heb ik er niet zo’n moeite mee. Niet meer, althans. Vroeger was het minder, zeker op de middelbare school, omdat heel lang vrijwel alle jongens kleiner waren. Iets wat trouwens in de vierde klas van de ene op de andere dag leek te veranderen, maar dat terzijde. Verder heb ik nooit veel last gehad van mijn lengte. Ik heb het geluk dat ik vooral lange benen heb en, vind ik zelf, redelijk in verhouding ben. Maar die lengte, die valt natuurlijk nog steeds wel op. En daarom overkomen mij – en vast nog heel veel andere lange medemensen – regelmatig deze dingen.

Lees ook: Waarom we moeten stoppen met de fixatie op hoe we eruit zien (fuck perfectie!)

  • Je kan altijd zo lekker goed zien of kleine mannetjes boven op hun hoofd kalend zijn. En of ze iets te hard hebben geprobeerd dat te verbergen.
  • De mooiste hakken laat je vaak links liggen, omdat het niet leuk is anderhalve meter boven de gemiddelde medemens uit te steken.
  • In de supermarkt is er altijd wel een onderdeurtje dat je hulp vraagt omdat dat ene merk slagroom op twee meter hoogte staat.
  • Als je op een borrel aan de praat raakt met iemand die veel kleiner is, wordt het op een gegeven moment echt ongemakkelijk dat je de hele tijd naar beneden moet kijken en die persoon omhoog. En als je iemand gedag zoent, moet je vaak door je knieën. Soms echt gênant ver.
  • Als je hakken te hoog zijn en je auto aan de kleine kant, moet je jezelf echt achter het stuur proppen.
  • Als je een keer (een beetje) te zwaar bent, lijk je meteen reusachtig.
  • Leuke jurkjes die bij een ander gewoon een decent lengte hebben, vallen bij jou ongeveer net over je billen.
  • Kinderen staren je soms aan met hun hoofd helemaal in hun nek en hun hand boven hun ogen tegen de zon.
  • In het buitenland – richting het zuiden, that is – ben je de attractie van de dag en zelden vind je er een bed dat lang genoeg is en lekker ligt. En je moet er ook veel vaker dan in Nederland voor deurposten bukken.
  • Ruimte zat voor baby’s, dus je zult als je zwanger bent niet snel een enorm gigantische buik krijgen.
  • Als je lengtestrepen draagt, lijk je de grootte van een lantaarnpaal.
  • Als degene voor je in het vliegtuig z’n stoelleuning naar achter zet, heb je zowel moordneigingen als pijn aan je knieën.
  • Mensen vragen soms of je model bent en dan ben je meteen de rest van de dag vrolijk.

Lees ook: De kracht van het uiterlijk: de mooie mens regeert

(Beeld: iStock)

Geschreven door