Alle moeders psychisch in de kreukels (en waarom we daarover moeten praten)

Een kind krijgen is misschien wel de belangrijkste en meest ingrijpende gebeurtenis in het leven van een vrouw. Toch verwachten we dat moeders na hun bevalling de draad weer oppakken alsof er niks gebeurd is. Waardoor veel vrouwen maanden,- en soms zelfs jarenlang met hun ziel onder hun arm lopen.

Ik ben inmiddels zeven jaar moeder, dus je zou zeggen dat ik ondertussen al wel lang en breed in die rol gegroeid zou moeten zijn. Niks is echter minder waar. Het is eigenlijk pas sinds kort dat ik het idee heb dat ik weer een beetje met beide benen op de grond sta. Dat ik alles onder controle heb. Want als ik terugblik op die eerste jaren met mijn kinderen heb ik natuurlijk herinneringen van geluk en blijdschap, maar toch is er ook veel waar ik minder graag aan terugdenk. Niet eens zozeer praktische dingen, zoals de gebroken nachten en de krampjes en dat soort lastige zaken, maar meer op emotioneel gebied. Toen mijn zoon geboren werd kreeg ik er namelijk iemand bij, maar tegelijkertijd raakte ik ook iemand kwijt: mezelf. Heel lang heb ik niet precies geweten wie ik nou ook alweer was. Alsof degene die ik altijd was geweest, die vrouw die ik zo goed kende, opeens was verdwenen. En het was een behoorlijke zoektocht om haar weer terug te vinden.

Die eerste jaren was het alsof ik buiten mezelf getreden was. Alsof ik naast mezelf stond en van een afstandje keek naar een onbekende vrouw met een kind die ergens in de verte een klein beetje op mij leek. De vinger kon ik er niet precies op leggen, want eigenlijk ging alles best wel prima. De baby deed het goed, ik herstelde snel van de bevalling en eigenlijk kabbelde het leven heel snel weer voort zoals het altijd had gedaan. Maar toch was het niet hetzelfde, was ík niet meer dezelfde. Wie ik dan wel was wist ik niet en daar raakte ik erg van in de war. Mijn eigen huid paste ik opeens niet meer, maar ik had ook geen andere om te kruipen. En dus leefde ik in een soort limbo, dwalend en zonder richting. Was ik ongelukkig? Nee. Was ik depressief? Nee. Wat ik dan wel was? Geen idee. Eigenlijk was ik vooral heel erg lang niemand meer.

Destijds durfde ik niet te praten over die gevoelens, omdat ik dacht dat ik de enige was die naast een baby ook een identiteitscrisis (want dat was het toch wel, denk ik achteraf gezien) had gekregen. Ik was tenslotte toch alleen maar moeder geworden, niet teruggekomen uit oorlogsgebied ofzo, dus hoezo voelde het dan alsof ik rijp was voor de psychiater? Negen maanden had ik gehad om me voor te bereiden en, zoals het een jonge aanstaande moeder betaamt en met de hulp van het wereldwijde web, had ik dat dus ook zeer gedegen gedaan. Daarnaast: ik was toch zeker een vrouw, de rol van moeder moest me toch op het lijf geschreven staan? Al die andere moeders ging het tenslotte zo natuurlijk af, dan moest ik dat toch ook kunnen? Dus nam ik plaats achter de kinderwagen, met een eeuwig vastgepleisterde glimlach op mijn gezicht en wekte de indruk dat ik het allemaal compleet onder controle had. Maar van binnen was het chaos.

Had ik toen maar geweten dat maar liefst 80 procent van de vrouwen psychologische problemen krijgt als ze moeder wordt. Bij die term denk je misschien meteen aan een postnatale depressie, maar je hoeft echt geen PND te hebben om een tijd lang niet lekker in je vel te zitten. En daar hebben de meeste jonge moeders last van, maar erover praten wordt nauwelijks gedaan. We schamen ons ervoor, omdat we in de veronderstelling zijn dat we ons leven na de bevalling gewoon weer op zouden moeten pakken. Er is tenslotte eigenlijk niks veranderd, je hebt ‘alleen maar’ een kind gekregen. Wat natuurlijk, als je er eventjes wat langer bij stilstaat, een absurde gedachtengang is. Want mijn hemel, je hebt dus wel een kínd gekregen! En dat leven, dat zal dus helemaal nooit meer hetzelfde zijn. Jij zult nooit meer hetzelfde zijn. Je bent niet langer alleen maar gewoon jij, je bent plotseling iemands moeder. Dat is een heel andere identiteit dan die je altijd had en, nou ja, het is niet voor niks dat de mensen in van die make-over programma’s altijd zo schrikken als ze zichzelf voor het eerst weer terugzien. Want als je in de spiegel opeens aangekeken wordt door iemand die je helemaal niet herkent, dan is dat logischerwijs best wel even wennen. Ook als je spiegelbeeld je eigenlijk een verbeterde versie van jezelf laat zien.

Onderzoek wijst uit dat de overgang van vrouw naar moeder zowel fysiek als mentaal een enorm ingrijpende gebeurtenis is. Dat bijna iedere vrouw na het krijgen van een kind een tijd niet lekker in haar vel zit, zoekende is en zichzelf opnieuw moet uitvinden. Dat is dus heel normaal en vooral ook: niet erg, maar het zou fijn als daar eens wat meer openheid over zou komen. Als we eens zouden ophouden met te doen alsof vrouwen zonder slag of stoot, bijna als vanzelf, transformeren tot moeders. Want dat is dus een hardnekkige en bovendien schadelijke illusie die ervoor zorgt dat heel veel vrouwen heel erg lang in stilte lijden zonder de hulp, de steun en het begrip te krijgen die ze nodig hebben en bovendien verdienen. Wat er helaas maar al te vaak voor zorgt dat heel veel vrouwen, zoals ik bijvoorbeeld, een valse start hebben in het moederschap. En er pas veel te laat achter komen hoe leuk het is en, belangrijker misschien nog wel: wat een geweldige moeders ze eigenlijk zijn. Want als ik nu in de spiegel kijk, dan wilde ik dat ik zeven jaar geleden al de vrouw had gezien die me nu aankijkt. Die vrouw die een heel ander mens is dan ze was, maar door haar kinderen zoveel mooier is geworden. Net als jij dus.

Beeld: iStock

Lees ook: 10 herkenbare vicieuze cirkels

Geschreven door