De scheiding (deel 2): cd van jou, cd van mij.

Vala is een tijd geleden gescheiden. Haar ex-man en zij waren ruim 5 jaar getrouwd en hebben twee zorgintensieve kinderen: een autistische zoon van 5 en een chronisch zieke dochter van 3. Op Mynd vertelt Vala over haar scheiding en het proces dat dat geweest is. Vandaag deel 2.

Lees ook: De scheiding (deel 1): vasthouden wat al weg is

Op een frisse lentemiddag lopen we door Amsterdam. Hij en ik. Samen. Maar toch ook al apart. Onze kinderen hebben we een middag naar zijn ouders gebracht. Die weten nog van niks en dat willen we voorlopig even zo houden. In ieder geval tot wel zelf alles enigszins op orde hebben. We zijn op weg naar de mediator die onze scheiding moet gaan begeleiden. Stilzwijgend lopen we naast elkaar langs de Amstel. In de stad waar we allebei zijn opgegroeid. De buurt waar we allebei zo lang gewoond hebben, elkaar hebben ontmoet. Als we de hoek omslaan bij het advocatenkantoor zien we dat we veel te vroeg zijn. We lopen dus nog maar een rondje door de waterige lentezon. “Raar, hè?”, zegt hij dan ineens. Ik houd even stil, kijk hem aan en knik. “Ja,” zeg ik, “heel erg raar.”

De mediator begroet ons vriendelijk. We schuiven aan tafel in haar kleine kantoor en krijgen koffie. Het apparaat hapert een beetje, wat voor wat ongemakkelijk gestuntel zorgt. Maar eigenlijk is het ook wel fijn, want het breekt het ijs een beetje. Ze kijkt ons aan, zegt “Nou jongens, we zitten hier voor een nare situatie.” Wij knikken. Dan beginnen we te vertellen. Dat we geen ruzie hebben, helemaal niet zelfs en dat we hier niet zitten om te vechten om spullen. “Zo’n ‘cd van jou, cd van mij’ situatie hoef ik niet.” zeg ik en de mediator lacht. We zijn in gemeenschap van goederen getrouwd en verdelen alles dus gelijk. We hebben geen vermogen, aandelen, of andere kostbaarheden, alleen een beetje spaargeld. Dat hakken we resoluut door midden en dat is het dan. Van één leven samen, naar twee apart. Bizar hoe snel zoiets kan gaan.

Belangrijker dan het geld, is het ouderschapsconvenant. Een plan waarin we samen moeten bepalen hoe we de zorg voor de kinderen gaan verdelen. Een pijnlijk punt, want we willen ze natuurlijk allebei niet missen. Maar dat is de realiteit van de gescheiden ouder. Co-ouderschap is voor ons eigenlijk de enige optie. Evenredige zorg, evenredige tijd. Apart, maar toch ook samen. Zoals we steeds gezegd hebben. Een week bij mij, een week bij hem. Het is een raar idee. Ik ben nog nooit langer dan een dag bij mijn kinderen weg geweest en nu moet ik ze opeens een hele week gaan missen. De gedachte alleen al doet mijn hart ineens krimpen. Maar ik weet dat het niet anders kan. Ze hebben recht op ons allebei en hij, mijn ex-manlief, hij is geen weekend-vader. Gelukkig maar eigenlijk. Want alhoewel ik mijn kinderen niet wil hoeven missen, prijs ik mezelf gelukkig met een ex-man die er gewoon voor hen wil zijn. Dus mijn hart dat schreeuwt dat ik ze gewoon altijd bij me wil hebben, moet ik tot stilte manen.

Binnen een uur is eigenlijk alles in kannen en kruiken en staan we weer buiten. Schutterig draaien we wat om elkaar heen op de stoep. Dan omhelzen we elkaar. Hij zegt dat het hem spijt en ik zeg hetzelfde. Waarvoor weten we eigenlijk niet eens. Misschien gewoon, omdat het niet gelukt is. Terwijl we dat zo graag hadden gewild. Ik mis hem nu al, maar ik weet ook dat het zo maar beter is. Of in ieder geval, beter wordt. Voor ons allebei. We draaien ons om, gaan nu even ieders ons weegs, hij naar links en ik naar rechts. Omdat we nu moeten beginnen met leren niet meer bij elkaar te zijn. Ik loop weg, kijk af en toe stiekem achterom. Zie hoe hij zich steeds verder van me verwijderd. Opnieuw loop ik langs de Amstel, maar nu alleen, met tranen in mijn ogen. Ik ga even op een bankje zitten, kijk naar het glinsterende water onder me. En voel me even heel alleen.

Waar gaat nu mijn leven heen, hoe moet ik dat straks vormgeven? Ik weet het gewoon even niet. Maar er is geen weg meer terug, dat weet ik ook. Alles staat nu op papier, met de handtekeningen is een stroomversnelling op gang gekomen. Onder me ruist het water in de Amstel gestaag voorbij, een beetje zoals mijn leven nu ook aan mij voorbij trekt. Alsof ik er geen invloed meer op heb en maar gewoon mee moet met de stroom. Ik leun dus maar achterover, mijn gezicht opgeheven naar de lentezon. En laat het maar over me heen komen. Waar het schip zal stranden? Geen idee. Maar uiteindelijk komt er wel weer ergens land in zicht.

Lees ook: De scheiding (deel 1): vasthouden wat al weg is

Lees ook: De scheiding (deel 3): “Papa en mama horen niet meer bij elkaar”

Geschreven door