Hoe we bezig zijn een generatie van narcisten op te voeden (en hoe we dat kunnen voorkomen)

Nederlandse kinderen zijn de gelukkigsten van de wereld. Dat bleek een tijd geleden uit onderzoek. Heel fijn natuurlijk, want wat wil je nou liever dan je kroost vrolijk en blij zien? Gelukkig is de tijd dat kinderen met harde hand moesten worden opgevoed voorbij. In plaats van straffen, is belonen tegenwoordig het credo. Maar er loert wel een addertje onder al die complimentjes. Want voor je het weet gaan ze naast hun schoenen lopen.

Lees ook: Helikopterouders, ga eens landen! De kindertijd is overrated.

Sinds de jaren ’70 is het een trend geworden om onze kinderen een flinke dosis eigenwaarde mee te geven. Psychologen en leraren prediken sinds die tijd dat we alleen gelukkige en productieve volwassenen kunnen kweken als we onze kinderen leren van zichzelf te houden. Kritiek en lijfstraffen zijn daarom uit den boze. Prijzen en complimenteren is wat we moeten doen. Vooral het positieve benadrukken dus, successen vieren, al het goede benadrukken. Op zich logisch, want met positiviteit bereik je veel meer dan met negativiteit. Maar er is ook een keerzijde aan al dat gejuich.

Steeds meer jonge mensen hebben het moeilijk als ze eenmaal de volwassen leeftijd bereiken en op eigen benen moeten staan. Alle begin is moeilijk en om uiteindelijk ergens te komen, zul je je zogenaamde ‘dues’ moeten betalen. Je krijgt niet meteen die droombaan op je 21ste en dat topsalaris zit er de eerstkomende tien jaar waarschijnlijk ook niet in. Niet iedereen vind je aardig en/of goed en soms zul je afgewezen worden. Dat is heel normaal, het hoort erbij, maar we zijn er niet meer aan gewend. Waar we wél aan gewend zijn, is het gevoel dat we fantastisch zijn en dat iedereen op ons zit te wachten. Zo vond ik dat de, destijds behoorlijke bekende, hoofdredacteur van de radiozender waar ik stage liep toen ik 20 was, mij maar moest bellen om me een baan aan te bieden toen mijn stage afgelopen was. Dat deed ‘ie natuurlijk niet en ik was zwaar beledigd. Dat ik er zélf achteraan had moeten gaan, had moeten bidden en smeken, dat kwam destijds niet in me op. Want ik was toch goed? Ze mochten blij zijn als ik bij ze wilde komen werken… Zoals je zult begrijpen moest ik na die stage uiteindelijk lange tijd in een kroeg bier staan tappen om een paar schamele centen bij elkaar te grabbelen. Inmiddels ben ik 34 jaar, maar als ik terug denk aan mijn houding van toen, kruipt het schaamrood me nog steeds naar de kaken.

Blij zijn met jezelf is goed, maar te erg van jezelf overtuigd zijn niet. En daar heeft de jongere generatie van tegenwoordig steeds meer last van. We vertellen onze kinderen om de haverklap hoe goed, slim en mooi ze zijn en prijzen ze om iedere scheet de hemel in. Het is zelfs niet ongebruikelijk voor ouders tegenwoordig om hun kinderen te vertellen dat ze stiekem beter zijn dan hun leeftijdsgenootjes. Uiteraard vínd je dat als ouders, maar of je het ook uit moet spreken, is nog maar de vraag. Nederlands onderzoek heeft uitgewezen dat een kind een gezonde dosis eigenwaarde meegeven iets anders is dan het constant de hemel in prijzen. Overwaardering creërt namelijk narcistische trekjes, waarbij het kind het leven als een soort rangorde gaat zien: andere mensen zijn niet gelijk aan hem of haar, nee, ze staan ofwel boven, ofwel onder hem of haar. En hoe erger een kind van zichzelf overtuigd raakt, hoe meer hij anderen in zijn of haar omgeving als minder zal gaan beschouwen. En je kunt je vast wel voorstellen wat voor soort volwassenen dat oplevert. In ieder geval niet degenen waarmee je nou later graag een wijntje zou willen drinken.

Hoe zorgen we er nou voor dat we straks niet met een generatie onuitstaanbare narcisten komen te zitten? Moeten we dan ophouden met onze kinderen te prijzen? Nee, vooral niet. Maar we moeten ze wel vooral prijzen voor hun prestaties en niet omdat ze zogenaamd beter zouden zijn dan hun leeftijdsgenootjes. Want dat jouw Fleurtje zo mooi binnen de lijntjes kan kleuren, betekent niet dat ze superieur is aan Teuntje, die net zo goed zijn best heeft gedaan op zijn tekening. Daarnaast moeten we ze leren kritiek te aanvaarden, te leren accepteren dat ze dus niet perfect zijn. Maar dat dat niet erg is. Met mijn 34 jaar ben ik inmiddels tot de conclusie gekomen dat ik niet ’s werelds grootste geschenk ben, maar dat is een harde les geweest. Een beetje meer bescheidenheid had mij in mijn jonge jaren niet misstaan (en me bovendien waarschijnlijk ook wat eerder achter de bar vandaan geholpen), dus ik hoop dat ik dat mijn eigen kinderen ook kan meegeven. Alhoewel ze natuurlijk stiekem wel gewoon de besten zijn. Maar dat fluister ik dan gewoon maar in hun oren als ze slapen.

Lees ook: Pluk de dag! Want voor je het weet is het voorbij!

Geschreven door