Thrillseeken en bucketlisten? Why?

Bungee jumpen, kitesurfen, Mount Everest beklimmen, het is allemaal gevaarlijk. En toch doen veel mensen het. Omdat ze er een kick van krijgen. Ze gek zijn op dat gevoel van adrenaline dat door hun aderen stroomt. Vala begrijpt er niks van. Want: waarom je leven wagen, als je ook op de bank kunt zitten met een boek?

Lees ook: Leef! (waarom je ALLES in het leven moet vieren)

Mijn man beklimt bergen. En hij gaat ook graag in verre landen in de bossen in een hangmat slapen, terwijl de Grizzlyberen om hem heen cirkelen. Dat vindt ‘ie leuk, daar geniet hij van. Ik niet. Ik vind het doodeng, onverantwoord en vooral ook een beetje gek. Als ik hem zijn gang liet gaan, boekte hij een reis naar de Mount Everest om daar zijn leven te wagen om bij de top te komen. Die top dus, waar een tijd geleden een man het loodje heeft gelegd door hoogteziekte. Wat mij betreft reden genoeg om aan de voet van die berg te blijven, met een glühweintje. Want het uitzicht zal best mooi zijn hoor, vanaf die piek. Maar wat heb je daar aan als je in een bodybag naar beneden komt?

Ondanks de bekende en overduidelijke risico’s, zijn er meer zoals mijn man: thrill seekers. Mensen die bewust gevaarlijke dingen ondernemen, ondanks dat ze weten dat daar behoorlijke risico’s aan kleven. Wie herinnert zich niet het filmpje van dat meisje dat ging bungee jumpen en waarvan het koord opeens brak? Ze kwam er levend vanaf, maar het had ook anders kunnen gaan. Dan kun je zeggen: domme pech en shit happens, maar dat vind ik te gemakkelijk. Je wéét tenslotte dat je een aanzienlijk risico neemt als je jezelf aan een elastiekje van een brug stort. Je wéét dat je de kans loopt jezelf tegen de railing kapot te rijden als je doet aan autoracen. En je wéét ook dat je misschien nooit meer van Mount Everest af komt, als je er eenmaal op staat. Dus waarom zou je het dan doen?

Onderzoek toont aan dat mensen die bijvoorbeeld extreme sporten beoefenen behoefte hebben aan grote stimulatie in hun leven. Van routine en voorspelbaarheid raken ze verveeld. Ze hebben geen rust en hebben regelmatige kicks nodig om het gevoel te hebben dat ze leven. Eigenlijk is het nemen van dergelijke risico’s een soort natuurlijke drug. Op het moment dat jij namelijk uit een vliegtuig springt, gaan je bijnieren het hormoon adrenaline aanmaken. Dit zorgt voor een opzwepend gevoel, dat sommige mensen als prettig ervaren. En wat je prettig vindt, dat wil je nog een keer. Et voila: een thrill seeker is geboren.

Gelukkig gaan de meeste sensatiezoekers niet onvoorbereid de uitdaging aan en komen de meesten er hun leven lang zonder al te grote kleerscheuren vanaf. Niemand wil natuurlijk dood, ook de thrill seeker niet. Een ongeluk zit echter in een klein hoekje en als de honger naar spanning te heftig wordt, wil een echte adrenalinejunk zichzelf nog weleens verliezen in zijn behoefte naar het aanvullen van het adrenalinegehalte zijn bloed. En onder een sneeuwlawine op het dak van de wereld.

Af en toe een heuvel in Frankrijk of Duitsland op, daar kan ik nog mee leven. Maar de Mount Everest heb ik mijn man verboden. En een boswandeling maken vind ik prima, maar dan gaat ‘ie daarna maar mooi in een hotel slapen ipv in die hangmat. Ik heb geen zin om hem in een Grizzlyberenhol aan de hand van zijn tanden te moeten identificeren, omdat hij zo nodig z’n kicks nodig had. Dan gaat ‘ie maar horrorfilms kijken op Netflix. Of hij gaat extreem strijken. Daar gaat mijn bloeddruk namelijk wel van stijgen.

Lees ook: Het verhaal van de echo: waarom je krijgt wat je geeft

Geschreven door