Waarom alleen zijn enorme voordelen heeft (en geen eenzaamheid is)

Onder de juiste omstandigheden heeft af en toe een tijd in isolatie doorbrengen enorme voordelen. En dat is iets anders dan eenzaamheid. Maar een manier om jezelf (weer) te leren kennen.

In de jaren tachtig was er eens een Italiaanse journalist, Tiziano Terzani, die zichzelf een maand lang ‘opsloot’ in een huisje in de bergen. In Japan. Samen met zijn hond. Een maand lang had hij niemand om mee te praten –behalve die hond dus- en was het enige dat hij deed naar de wind luisteren, boeken lezen, de natuur observeren en in stilte zijn. Voor het eerst in zijn leven, vertelde hij achteraf, was hij die maand volkomen vrij geweest. Vrij van alles waar ons moderne leven om draait: verwachtingen, communicatie, anderen, angsten, prestatiedwang, onzekerheden, druk. “Ik had de beste tijd van mijn leven.” Aldus Terzani.

Op alleen zijn ligt nogal eens een sociaal taboe. Het wordt in onze samenleving ervaren als een straf, of iets dat in ieder geval zo veel mogelijk vermeden moet worden. Sterker nog, wie te veel alleen is zou zelfs korter leven: sociaal contact is volgens de laatste wetenschappelijke inzichten zelfs essentieler voor een gelukkige oude dag dan een gezond lichaam. Maar ‘alleen zijn’ is niet hetzelfde als eenzaam. En er zitten enorme psychologische voordelen aan jezelf af en toe even helemaal terug te trekken.
Dat laatste schijnt vooral heel goed te zijn in tijden van persoonlijke crisis. Zeker wanneer er iets ergs gebeurt, of iets dat je ontregelt, is de neiging van veel mensen om naar buiten te reiken voor hulp, om de mening van iemand anders te gebruiken als ijkpunt. Maar wie de rust neemt om bij zichzelf te blijven en daar aandacht aan te geven, kan zien dat lang niet elke crisis over jou gaat. Mensen die op dit soort momenten de eenzaamheid durven op te zoeken, leren zichzelf weer horen. En zullen merken wat een, soms giftige, invloed de buitenwereld kan hebben op onze ware gedachten en gevoelens. En hoe afleidend die eigenlijk zijn voor hoe we naar onszelf kijken.

In andere woorden; als mensen bereid zijn zich terug te trekken uit hun sociale context, geven ze zichzelf de kans om te ontdekken welke invloed die context heeft. Een monnik die jarenlang in totale isolatie leefde zei daar ooit over: ‘we kunnen niet zien wat ons beinvloedt als we het aan onze borst blijven drukken. ‘En dat is waar, denk ik. Wie afstand durft te nemen van alles dat hen beinvloedt, geeft ruimte aan andere inzichten. En dar hoef je dus niet bang voor te zijn, of tegen te vechten als het gebeurt. Het enige dat je mag doen is die inzichten over je heen laten komen en ze nemen voor wat ze zijn. In alle rust, en stilte dus.
En dat gaat niet over alleen ‘alleen zijn.’ Maar ook over hoe jij je daaronder voelt, als het gebeurt. En dat is niet altijd comfortabel. Het kan zelfs even wat mentale arbeid van je vragen voordat alleen zijn ook daadwerkelijk prettig gaat voelen. Maar als je daar eenmaal doorheen bent heb je misschien wel de basis gelegd voor de belangrijkste relatie van je leven: die met jezelf.

En dat is echt heel wat, zeker als je nagaat dat onlangs uit een onderzoek bleek dat de meeste mensen liever elektrische shocks ondergaan dan het vooruitzicht langere tijd alleen te moeten zijn. En dus doen we zodra we de kans krijgen stilte te ervaren de radio aan. Of zetten we een koptelefoon op. Terwijl stilte er altijd IS. Het enige dat je hoeft te doen is ernaar te luisteren. En er niet bang voor te zijn.
En als die tijd alleen dan aanbreekt, krijg je een kans. Een kans om erachter te komen dat je het wel redt, dat het goed met je gaat, dat je bent wie je bent, ook zonder de groep. Anders gezegd: mensen die alleen durven te zijn, lopen minder de kans om eenzaam te worden dan mensen die dat niet durven. Mits op vrijwillige basis kan af en toe alleen zijn een ander licht op je problemen werpen, en je weer even in contact brengen met jouw doel op deze wereld.

Dat ontdekte ook journalist Terzini, die na zijn maand isolatie schrijver werd en uitgroeide tot een soort goeroe in Italie. “Want de echte leraar vind je niet in een hut, of in de bossen, of in een rivier. De echte leraar zit in ons allemaal verborgen.” En ik vermoed dat hij tot die conclusie kwam toen hij… alleen was.

LEES OOK: Me-time: heerlijk! (en deze geweldige dingen gebeuren als je ervan leert houden)

 

Geschreven door

Liesbeth is journalist, schrijver en trainer. Ze schrijft het liefst over dingen waar ze zelf ook mee bezig is. Is altijd op zoek naar inspiratie, en vindt dat meestal in de mooie, maar soms ook in de mindere dingen van het leven. Schreef bestseller: *Ik moet nog even kijken of ik kan - de stille revolutie van de introverte mens* (2017) en recent 'Echte vrouwen krijgen een kind - de stille revolutie van de niet-moeder' (2019).