Waarom Groningers zulke geweldige mensen zijn (jawoor)

Liesbeth is verliefd op een Groninger, en daardoor inmiddels een beetje op alle Groningers. Want wát een leuk volk is dat, en dat mag best wel eens gezegd.

Ik wist het niet, maar sinds een jaar of twee dus wel want toen leerde ik mijn Groninger kennen en veranderde alles ten goede. Relationeel én topografisch, want sindsdien kom ik geregeld op zijn geboortegrond. En Groningen, nee maar echt. Het is er ruim, het is er kouder dan in de rest van het land dus je kunt er als eerste schaatsen, de stad is ge-wel-dig én ze verkopen er eierballen. Maar vooral: don’t get me started over de Groningers zelf.  Al ga ik dat nu wel doen, want ik vind het hoog tijd om hen een dikke shoutout te geven, vanwege alles dat deze luitjes wel niet in petto hebben. En dat is veel mensen, dus doe er je voordeel mee

  • Ze zijn bescheiden
    Maar echt. En kom daar nog maar eens om, in deze extraverte wereld vol meningen en persoonlijkheden en moeilijk moetjemijeenszien-gedoe op social media. Daarom ter illustratie: mijn geliefde heeft een verborgen Facebook-pagina waar 14 (14!) vrienden op zitten, en daar vermaakt hij zich dus kostelijk mee. En waarom zou je je ook uitsloven voor de bühne als het veel rustiger is in de coulissen? Dat bedoel ik. Vandaar ook dat het mogelijk is dat inmiddels zo ongeveer de halve provincie Groningen letterlijk op instorten staat met dank aan jarenlang wanbeleid van de overheid en de NAM (echt hoor, rijd maar eens door Slochteren en huiver) maar heeft iemand die Groningers al eens goed horen klagen? Zelfs als het om een NOGAL grof schandaal gaat dat in, zeg, Amsterdam al bij de eerste aardbeving tot een complete volksopstand had geleid inclusief vuurwerk en krakers en referenda en stille tochten en alles, halen Groningers hun schouders op, zeggen iets als ‘ dom ja’ en vullen gelaten hun schadeformulieren in. Om vervolgens een trapje te pakken en die weggezakte schuur zelf maar te gaan stutten.
    MAAR GOED, daar kwam gisteren dus GODDANK verandering in, toen ze ineens met z’n allen de Groningse straten intogen met fakkels en alles, onder bezielende leiding van Groninger Freek de Jonge zelve. Die het niet langer aan kon zien en het boze woord nu maar voert. Dat krijg je ervan. Ik hoop maar voor de Groningers dat Freek die vreemde vioolspelende vrouw van m wel thuislaat, er is al meer dan genoeg drama daar. Waar dus niemand echt vanaf weet want: Groningers.
  • Ze zeggen ‘jawoor’
    En dat vind ik zó ontzettend leuk dat ik het nu zelf ook zeg. Te pas en te onpas. Wat nogal raar is want ik kom absoluut niet uit Groningen maar uit Rotterdam-West en daar zeggen ze vooral heel veel tering, maar goed ik dwaal af. Want ‘jawoor’ is dus Gronings voor ‘ja’. En is met stip het liefste woordje ooit. Het klinkt opgewekt, je zegt het een beetje zingend en het heeft daardoor net iets meer ‘je ne sais quoi’ (op z’n Gronings: ‘ik weet ja nait wat’) dan gewoon een botte ‘ja’.
    ‘Jawoor’ is zo bezien dus eigenlijk verassend bohémien voor Groningse begrippen, en moet dan ook gekoesterd worden. Lang en lief, net als de Groningers zelf. Jawoor.
  • Ze doen dingen in een ‘puut’
    En nu hebben Groningers dus wel meer geweldige woorden zoals dus ‘jawoor’ en ‘pokkel’ (buik) en ‘buuts’ (broek- of jaszak) en mijn favoriet ‘wichie’ of ‘wicht’ (meisje of vrouw) maar het woord PUUT slaat werkelijk alles. Het betekent tas, en dus zijn er varianten als ‘rugpuut’ (HAHAHAHAHA) en ‘plastic puut’ (HAHAHAHAHAHA) of gewoon ‘puutje’ Waardoor je op zomaar een zaterdag in de Jumbo ineens een zin naar je hoofd kunt krijgen als ‘heb je je puutje bie die, mien wichie?”.
    Jaja, mensen, welkom in mijn mega-spectaculaire leven, maar liever wordt het niet. En dat ik serieus en steeds opnieuw weer moet schaterlachen om het puutje is overigens absoluut geen uitlachen maar een blijk van diepe liefde. Want een volk dat een tas een puut noemt, daar komt geen oorlog van, zeg nou zelf. Al is er misschien één uitzondering op die regel want…
  • Ze kunnen niet zo goed tegen Friezen
    En dat is eigenlijk best een beetje on-Gronings want over het algemeen maken Groningers zich niet zo druk over wat anderen doen en laten. Maar er is één enorme uitzondering en die heet Friesland. Dus sorry Epke, maar het gaat ‘m gewoon niet worden. En trouw ook maar niet aan want daar komt maar gedonder van mien jong. Geloof mij. En zeg nou zelf ook: er spreekt nu eenmaal weinig warms uit een Gronings spreekwoord als: ‘t Ken fraizen, ’t ken dooien, moar dou mie moar dooie Fraizen’. Maar goed dat is mijn persoonlijke interpretatie hier, dus misschien mis ik eigenlijk een diepere laag vol waardering en respect. En misschien ook wel niet. De laiverds.
  • Ze zijn nogal direct
    Als ze al praten hè, want dat moet je altijd even afwachten met Groningers. Maar goed, áls ze eenmaal praten zijn ze verassend direct. Vraag een Groninger dus of je te dik bent en je krijgt het te horen. Met een ‘jawoor’ of een ‘nai’, en hop, die kous is weer af. Verwacht dus geen enorm breedsprakige verhalen vol namen van alle mensen die ze állemáál kennen (hoi Amsterdammers!) of een nét iets te rauwe beschrijving van ‘die enorme reet’ die ‘ook wel eens wat kleiner mag, zus’ (hoi Rotterdammers!). Maar verwacht precies waar je om vroeg; een antwoord. En dat antwoord kon misschien minder (‘het kon minder’ is dus Gronings voor ‘schitterend’, waarmee eigenlijk de hele volksaard in één woord gevangen is). Simpel zat, en het kan maar duidelijk zijn. Ow.
  • ‘Ow’ is het antwoord op zo ongeveer alles
    Probeer dit uit en je zegt alleen nog maar ‘ow’. Want het werkt gewoon op alles. Op een huishoudelijke mededeling: ow. Op een rare opmerking: ow. Op een schandalige roddel: ow. Ow kán eventueel van het nodige drama worden voorzien door de toevoeging van een vraagteken. Waardoor je bijvoorbeeld deze conversatie krijgt. Jij: “Ik ben mijn glazen oog kwijt en ik ben zojuist uit huis gegooid”. De Groninger: “Ow?” En meer is dit niet. Heel veel minder ook niet, maar dat hoef je die Groningers dus niet te vertellen. Zeg dus ow, en krijg ze allemaal stil. Per direct.
  • Ze zijn zelfbewust
    En als je wilt zeuren kun je dit ook vertalen naar ‘stug’ of koppig’, maar ik vind zelfbewust veel vriendelijker dus hallo. En ik verzin dit trouwens niet zelf, Groningers hebben ook van de wetenschap dit etiket gekregen. En dat heeft een heel moeilijke verklaring die erover gaat dat ‘Den Haag voor Groningers dichterbij is dan Groningen voor Hagenezen’ (don’t ask, want dit snappen écht alleen de Groningers) maar komt er eigenlijk gewoon op neer dat niemand naar Groningen wil omdat het een takkeneind weg is en er geen tram te vinden is. En daar word je dus vanzelf zelfbewust van, als Groninger zijnde. En duidelijk. En rustig. En ontzettend in orde met je eigen omgeving, dat vooral.
  • En ik vind dat alles dus fantastisch, dus fantaseren mijn geliefde en ik af en toe stiekem over een soort Ik Vertrek. Maar dan naar Appingedam of Termunterzijl. Nu nog even een vlaggenmast regelen en een Groningse vlag in de tuin hijsen want serieus – ik heb nog nooit zoveel blauw-rood-groene vlaggen fier zien wapperen als daar. Chauvinistisch volkje hoor, maar geef ze maar eens ongelijk, die Groningers. Ondanks alle aardbevingsshit waar ze mee te maken hebben. En dát wilde ik alleen maar even zeggen. Las u dus ook mee, mijnheer Rutte? Ow.

Lees ook DIT wil je weten als je houdt van een Waterman (oh wat zijn ze leuk)

 

Geschreven door

Liesbeth is journalist, schrijver en trainer. Ze schrijft het liefst over dingen waar ze zelf ook mee bezig is. Is altijd op zoek naar inspiratie, en vindt dat meestal in de mooie, maar soms ook in de mindere dingen van het leven. Schreef bestseller: *Ik moet nog even kijken of ik kan - de stille revolutie van de introverte mens* (2017) en recent 'Echte vrouwen krijgen een kind - de stille revolutie van de niet-moeder' (2019).