15 redenen waarom het geweldig is om een ZUS te hebben (of te zijn!)

Of je er nu één hebt of één bent: niets zo geweldig als een zus. En dat is niet alleen maar melk en honing, een beetje zus haalt af en toe ook gewoon het bloed onder je nagels vandaan. En ook dát is allemaal zusterliefde, net als deze 15 dingen. Liesbeth (zelf zus én in bezit van gezusterte) legt uit:

1 ze kent je op je best (én je slechtst)
Ze heeft je gezien toen je als driejarige met je tremor en alles in je pyjama’tje witheet van woede op de gang werd gezet, waarna je probeerde ‘weg te lopen’ en niet verder kwam dan de voortuin omdat je ineens niet verder durfde. Of die keer dat je op de hoge hakken van je moeder de straat op liep en je ineens als een gek moest rennen voor de hond van de buren waar je bang voor was en je dus vól op je plaat ging. Of die keer dat je voor het eerst liefdesverdriet had, en drie dagen je kamer niet meer uitkwam. Maar ze was ook bij de uitvoering van je schoolmusical waarin je een glansrol had, en bij je diploma-uitreiking, je afstuderen, je huwelijk, misschien zelfs wel bij de geboorte van je kind. Zussen gaan –als je geluk hebt- namelijk een heel leven mee. En dat kan je lang niet van iedereen zeggen.

2 alle onderwerpen zijn bespreekbaar
Nouja álles is misschien wat overdreven, maar veel wel. En dat hoeft niet altijd rechtstreeks te zijn, want er bestaat zoiets als zussenlingo: via allerhande indirecte omwegen samen tóch tot de kern van de zaak weten te komen. En dat kan alleen al gebeuren omdat jullie ondanks alle verschillen op elkaar lijken, en vaak langs gelijksoortige lijnen hebben leren denken. Zo vond ik mijn zus ooit terug in een gesprek over hypochondrie waarbij het leek alsof ik naar mezelf zat te luisteren, terwijl zij dacht dat ik haar wel getikt zou vinden (wat trouwens óók zo was). En zo kwamen we er via allerhande omwegen achter dat we eigenlijk excact hetzelfde hadden, en dachten. Het was een hele opluchting om te weten dat we in ieder geval niet alleen waren in onze neurose maar dat het in de famílie zat, waarna we onze ouders er maar gewoon de schuld van gaven.

3 jullie kunnen bitchen
Want dat hoort erbij. Je zus is nu eenmaal niet je vriendin, niet je moeder, en ook niet je grootste fan. Wél is ze je zus, en die kun je nog het beste vergelijken met de gemiddelde huiskat; ze kan uren tegen je aanliggen, en ineens zet ze haar klauw in je kuit. En als je geluk hebt blijft het daarbij, want het kán erger. Zussenjaloezie is dan ook een erkend fenomeen binnen de psychologie (zie ook .11) maar daarnaast heeft gebitch ook alles met positiebepaling te maken, en soms met de behoefte aan privacy, of een eigen identiteit. Hoe dan ook: soms zijn jullie elkaar gewoon spuugzat. Tussen een broer en een zus werkt dit trouwens weer anders, weet ik uit ervaring. Daar wordt niet gebitched maar gewoon in stilte wat knorrig een broodje ham ofzo gegeten. En daarna is alles weer goed.

4 stilte doet jullie niets
Als kind konden jullie al uren op de bank liggen lezen, of televisie kijken, of eindeloos de TINA lezen (jawel!) en dat is eenmaal volwassen niet persé anders. Chitchat is dan ook absoluut nergens voor nodig met de persoon die je ooit dwong aan haar tennisschoenen liet ruiken (ik noem geen namen) en daarbij: ze is je zus, niet je baas (al denkt ze daar zelf waarschijnlijk iets anders over). Lange stiltes doen jullie dan ook niets, waarmee je dus meteen dé idelae persoon hebt gevonden om series mee te gaan bingen.

5 ze helpt meteen als je hulp nodig hebt
En dit is écht waar, wat mij betreft ook als er een tijdelijke afstand is (wat kan) of je eigenlijk een beetje boos op haar bent (wat ook kan) of ze denkt dat ze je niet nodig heeft (wat kan, maar natuurlijk belachelijk is). Hoe dan ook: als je zus in nood is help je, dat is nu eenmaal een universele zusterwet. En andersom ook. Zo stond mijn zus ooit voor mijn neus met een plintensnijmachine (jawel), een enorme hamer en een zaag (!), waarna ze vrijwel zonder woorden mijn  nieuwe laminaat ging afwerken. Dat ik ondertussen lijkbleek op de bank een vrij pittig liefdesverdriet zat weg te ademen, kon haar denk ik niet zoveel boeien. Of juist wel, vandaar die plintenmachine, waarmee dit meteen ook een voorbeeld van een sterk staaltje zussenlingo is (zie .2). En vooral: één van de liefste dingen die ze ooit voor me deed. Met ‘r zaag. Waardoor ik in een klap weer wist: een goede zus is als een airbag voor het leven.

6 ze heeft je op genante momenten meegemaakt
En daar hoeft ze je niet dagelijks op te wijzen, dat is gewoon algehele zusterkennis. Die in principe, als je geluk hebt, alleen wordt aangewend op het moment dat je denkt dat je helemaal aan de hand bent, een wandelend succes, een voorbeeld voor velen. Dán gaat die doos der herinneringen ineens open om daar bijvoorbeeld – van je hopla- die foto uit te halen van die ene keer dat je verkleed als clown vast was komen te zitten in de wc-pot van KBS Moeder Maria Heiligen der Zaligen tijdens het carnaval van 1978 (ik noem geen namen). Zodat iedereen meteen weer even met de pootjes op de vloer staat. Jij vooral, ja.

7 boeren, niezen, scheten…
Mijn onderwerp is dit niet (wat ik ben een muts als het om vieze lichaamsdingen gaat, dat zal ik wel aan mijn zussen en broers overgehouden hebben trouwens, maar dit natuurlijk volledig terzijde) maar in ieder gezin met kinderen wordt natuurlijk geboerd en geruft dat het een aard heeft, het liefst ook nog met de nodige vrolijke aankondigingen. Tenminste, in het gezin waarin ik opgroeide wel. Zo weet ik hoe een geboerd alfabet klinkt (ik noem geen namen) en hoe het klinkt (en ruikt!) als drie kinderen tegelijk moeten overgeven tijdens een begrafenis (timing was nooit ons ding). Nee, wat vieze lichaamsgeluiden betreft: ik kijk nergens meer van op. Echt niet.

8 jullie onderonsjes snapt verder niemand
Maar het ís ook onmogelijk om uit te leggen waar die ene blik, of die ene uitdrukking nu eigenlijk echt over gaat. Laat staan waar je moet beginnen met verklaren wát er precies bedoeld wordt met een gesprek als: ‘oh ja, ik was gister dus bij oma.” “Oh en?” “Ja zoals altijd dus.” “Nog steeds misselijk?” “Beetje wel ja.”
Al is een deel van de uitleg in  dit geval wel dat mijn oma nogal een snoepkous was, en ons werkelijk het liefst met een trechter erbij volstopte met chocolade zodra we ook maar één voet over de drempel hadden gezet. Maar dat is nog maar één van de vele lagen in dit gesprek, en dat niemand –behalve jullie- dat snapt is misschien maar goed ook.

9 jullie trekken samen mannen aan
Deze ken ik niet uit eigen ervaring maar het schijnt een ding te zijn: zussen op stap. Lekker gek doen, en ook nog een beetje op elkaar letten en dan als er een leuke jongen of man komt zeggen dat je zussen bent en dat zo’n man dan zegt: ‘zussen? Echt?’ Ofzo.
En ik vrees ineens heel erg voor hoe dit verhaal dan verder gaat, dus hier laat ik het graag bij als jullie dat niet erg vinden.

10 maar over jullie smaak in mannen valt niet te twisten
Want tenzij je met een blauw oog tegenover haar zit, bemoeit een beetje zus zich beter niet met je partnerkeuze. Je hoort haar mening wel als het voorbij is (“ik vond ‘m al eng/dik/raar”), of gewoon helemaal niet. Misschien ligt het aan mijn familie, maar van die partnerkeuze is eigenlijk gewoon niet zoveel te vinden. Beter bel je daarom met je ándere zus (of broer!) en ga je helemaal los over die IDIOOT waar ze nu TOCH weer mee is, maar tegen je zus zelf is het beter om te wachten tot ze zelf tot inkeer komt. En als dat niet nodig is (wat uiteraard ook kan) is die partner natuurlijk hartstikke welkom. Want je bent dan wel een zus, maar zeker de beroerdste niet.

11 jullie hebben onderlinge competitie
Want ja: zussenjaloezie bestaat. En dat gaat over wie altijd al de meeste aandacht van jullie ouders kreeg kreeg (zij!) tot wie de knapste/slankste/liefste is, van wie het meest geslaagd is in het leven tot wie het leukste kind heeft gekregen. En dat speelt allemaal natuurlijk vooral op onbewust niveau –anders zou je maar bizarre gesprekken krijgen- maar reeël is het wel. En menselijk is het ook. Maar mocht je er nou écht last van hebben, dan is dat bizarre gesprek misschien nog helemaal niet zo’n gek idee, de waarheid ligt meestal ergens in het midden namelijk. En daarnaast kan het gewoon een hele opluchting zijn om eindelijk gewoon eens uit te spreken dat JIJ die knapste nou eenmaal bent. Ja hallo. Erkenning hoor mensen, is heel belangrijk in het leven.

12 ze is de liefste tante die je kunt wensen
Niets zo lief als je zus moeder te zien worden, en niets zo lief als een neefje of nichtje krijgen. Of je zus tante maken natuurlijk, dat kan ook. Waarmee jullie met z’n allen ineens deel uit gaan maken van die ever-expanding circle of awesomeness, en van dat soort cirkels kan je er niet genoeg hebben in het leven. Van lieve suikertantes trouwens ook niet.

13 ze is oprecht blij voor je
Met die nieuwe baan, die nieuwe liefde, die mooie vakantie. Ja, ondanks .11 en misschien ook wel tegelijkertijd met .11, want zussen kunnen nu eenmaal van alles tegelijk vinden en voelen, daarom zijn ze ook een zus. Overigens maakt ze zich ook oprecht zorgen als het niet goed met je gaat. En dat ZIET ze, ookal denk jij dat je wel wegkomt met je blaverhaal over je werk. Booooooring. Beter vertel je wat er aan de hand is, dan kan ze misschien wat nuttigs zeggen. Of jullie zeggen daarna gewoon niets, en dan treedt  .4 in werking. Net zo makkelijk.

14 ze begrijpt jouw ouders als geen ander
En hier wil ik niet teveel over zeggen maar deze is FANTASTISCH en dé beste reden waarom een zus zo geweldig kan zijn. Want ze snápt het. Misschien niet precies zoals hoe jij het ervaart, maar altijd vele malen beter dan iemand die, eh, niet je zus is. En dat kan kleine ergernissen verlichten zolang je ouders nog leven, en een enorme troost zijn als jullie hen zullen moeten missen. Want die herinneringen deel je, en ze leven in jullie samen toch een beetje voort. Ooit.

15 als jullie straks besjes zijn, ben je nooit alleen
Dus samengevat: wees lief voor je zus, want dan heb je met een beetje geluk ook straks nog iemand om de TINA mee te lezen. En dat is heel wat waard in deze harde wereld. Ook als je 85 bent.

Geschreven door

Liesbeth is journalist, schrijver en trainer. Ze schrijft het liefst over dingen waar ze zelf ook mee bezig is. Is altijd op zoek naar inspiratie, en vindt dat meestal in de mooie, maar soms ook in de mindere dingen van het leven. Schreef bestseller: *Ik moet nog even kijken of ik kan - de stille revolutie van de introverte mens* (2017) en recent 'Echte vrouwen krijgen een kind - de stille revolutie van de niet-moeder' (2019).