Hoe onvoorwaardelijk is een vriendschap?

Als je voor de zoveelste keer moet aanhoren hoe ongelukkig je vriendin is, en ze steeds maar weer braaf knikt als jij advies geeft – en dan toch niets onderneemt. Dus zit je daar de volgende keer wéér! Gek word je ervan. Mag je zo’n vriendschap laten gaan?

“Ik weet het gewoon niet meer, ik ben zo ongelukkig!” De tranen druppen in haar cappuccino. Ik zit tegenover haar, afwachtend, met mijn hand op de hare. En geduldig knikkend. Maar inwendig zucht ik. Want hier zitten we alwéér. In het zoveelste café, pratend over haar huwelijk. Dat in het slop zit. Al maanden. Jaren misschien eigenlijk wel. En nu is er een andere man aan de zijlijn. Met wie er wild geflirt is. En ook wel een beetje gekust. Maar ach en wee, wat nu? “Ga in godsnaam scheiden!” gilt het in mijn hoofd. Zoals al maandenlang. Maar ik weet al: het heeft geen zin om dat te zeggen, want dat doet ze niet. En over drie maanden zitten we hier weer. Boven diezelfde cappuccino’s. Mijn geduld begint aardig op te raken. Maar ja, is dat wel terecht? Want in een vriendschap steun je elkaar toch? Onvoorwaardelijk?

Iedereen heeft er wel zo eentje: een vriend of een vriendin die aan de lopende band in de shit zit. Relatieperikelen, geldproblemen, werkstress, het kan van alles zijn waar iemand zich in vastdraait. En laten we eerlijk zijn, we zitten allemaal weleens in een impasse. Dat is niet erg, dat hoort bij het leven. Soms heb je een existentiële crisis nodig om verder te komen. Een tijdje zwelgen in je eigen drama, daar is helemaal niks mis mee. Want het cliché is waar: pas als je de bodem echt bereikt hebt, kun je uit die put klimmen. Hopelijk met de hulp van je omgeving, die aan de rand van die put de armen naar je uitstrekt. Maar wat als iemand die helpende handen steeds maar niet aanpakt? Hoe lang blijven die mensen aan de rand dan op hun buik in de modder liggen wachten?

Als je vrienden bent, betekent dat dat je elkaar steunt. Dat je achter elkaar gaat staan in de tijden dat het moeilijk wordt. En ook: dat je niet oordeelt. Omdat je nou eenmaal toch nooit in iemands hoofd en hart kunt kijken en je simpelweg niet weet hoe het er achter de deur van een ander aan toegaat. Om een voorbeeld uit mijn eigen praktijk te pakken: ik ben gescheiden. Daar heb ik zo mijn redenen voor. En ik heb ook twee kinderen. Toen de vuile was eenmaal buiten kwam te hangen (al viel dat nog bijzonder mee), waren er best een aantal vrienden die hun neus optrokken. “Ik ben tégen scheiden” was één van de ongezouten meningen die ik moest incasseren. En ik vond het ronduit een k*topmerking. Want: waar bemoeide deze ‘vriendin’ zich mee? Was zij op de hoogte van alle ins en outs van de breuk met mijn ex-man? Nee, in het geheel niet. Stond ik algemeen te boek als onverantwoordelijke losbol, die zomaar de relatiehanddoek in de ring gooide? Nee, ook in het geheel niet. Dus, was het dan niet gewoon haar taak om zich achter mij te scharen en de zakdoekjes aan te reiken? Die mening ben ik in ieder geval wel toebedeeld.

Natuurlijk is het lastig als je een vriend of vriendin iets ziet doen waarvan je denkt: “Waarom?!”. Maar, als het niet iets is wat echt verschrikkelijk onverantwoordelijk is, of waarmee er schade aan anderen berokkend wordt, moet je dan niet gewoon je oordelende mond houden en een arm om iemands schouder slaan? En advies geven, ook als dat niet opgevolgd wordt? Want dat is natuurlijk ontzettend vermoeiend, glashelder voor je zien wat iemand uit die put gaat trekken, maar vervolgens tegen een looien deur moeten gaan staan praten, omdat diegene toch niks doet met al die goede raad. Mag er dan een punt komen dat je het onvoorwaardelijke bijltje erbij neergooit en kort door de bocht zegt: “Stik er dan maar in?”. Want waarom zou je blijven trekken aan een dood paard, ook al is dat paard je misschien wel heel erg lief? En is het redelijk om je afkeur over iemands keuzes uit te spreken, ook als je weet dat de situatie er niet door gaat veranderen? We noemen dat dan eerlijk. Maar, is dat eigenlijk ook wel vriendschap?

We hebben de neiging om onze naasten onze mening op te dringen en vinden dan ook nog dat ernaar geluisterd moet worden. In ieder geval op z’n minst de derde keer. En anders mag er niet gezeken worden. Is er geen ruimte voor geklaag. Want daar hebben eigenlijk geen tijd voor. En geen zin in bovendien. Terwijl we persoonlijk meestal wel rekenen op onverdeeld begrip als we zelf in zak en as zitten. Dat is dus meten met twee maten en dat heeft natuurlijk weinig met onvoorwaardelijkheid te maken.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen, zo langzamerhand ben ik echt wel klaar met dat gejammer over dat slechte huwelijk, haar ongelukkigheid en het eeuwige zwelgen. Maar toch blijf ik stoïcijns troosten en adviseren aan een stel dovemansoren, terwijl ik me zo langzamerhand een grammofoonplaat op repeat voel. Omdat het mijn vriendin is die daar tegenover mij een potje zit te grienen en het niet aan mij is om te bepalen hoe zij haar leven zou moeten inrichten. Mijn taak is wél om naar haar te luisteren als ze haar verhaal kwijt moet. Omdat we destijds besloten hebben dat we van elkaar houden en liefde nou eenmaal onvoorwaardelijk hoort te zijn. Dus ober, doet u nog maar twee cappuccino. We hebben nog wel een rondje melkschuim nodig om in te huilen.

Lees ook: Wat je nooit tegen vrienden zal zeggen – maar wel tegen jezelf

Geschreven door