Waarom we allemaal een beetje inconsequent zijn (en dat prima is)

We moeten voor óf tegen zijn. We doen iets óf we doen het niet. De ruimte voor nuance, falen en grijze gebieden wordt steeds kleiner. Maar juist inconsequent zijn, is wat ons mens maakt (en het leven een beetje spannend houdt).

Van mensen die dingen héél zeker weten, gaan mijn nekharen recht overeind staan. Misschien omdat ik zelf regelmatig heen en weer slinger tussen meningen en opinies. Ik kan het ene moment overtuigd zijn dat die hele sleepwet een goed idee is, maar als iemand me drie minuten later vakkundig uiteenzet waarom dat níet zo is, denk ik al snel: hmm, zit ook wel wat in. Ik geloof niet in God, maar als iemand mij vertelt waarom hij of zij dat wél doet, kan ik me daar best iets bij voorstellen. En eerst vond ik Kim Kardashian stom, maar nu vind ik haar eigenlijk toch wel leuk.

Wispelturig
Zelf vind ik mijn wispelturigheid prima. Sterker nog: ik mag blij zijn dat alles wat ik ooit zei en vond niet direct in cement gegoten werd. Dan zou ik nu namelijk in New York óf in Katwijk aan Zee wonen, zoals mijn dertienjarige zelf stellig beweerde. In onze maatschappij is er echter weinig ruimte voor wispelturigheid of twijfel. Het is zwart of wit. Voor of tegen. Ja of nee. Het grijze gebied van nuance? Dat is voor slappelingen die met alle winden meewaaien en mensen zonder eigen mening. En als je eenmaal ooit gezegd hebt dat je ergens tégen bent, dan is het niet de bedoeling dat je daarna weer voor bent. Want dat is draaien en daar houden mensen niet van.

Lekker tegenstrijdig
Dat is lastig, want wij mensen zijn allemaal inconsequent. We zeggen het één, maar vinden het ander. We denken iets zeker te weten, maar later vinden we weer heel wat anders. Ook in gedrag zijn wij mensen een vat vol tegenstrijdigheden. We willen zuinig doen, maar spenderen dagelijks gerust drie euro aan een cappuccino-to-go. Een maand zonder alcohol wordt gevolg door een groots drankfestijn. En we stoppen met vlees eten voor het klimaat, maar pakken rustig het vliegtuig naar Bali voor vakantie.

Mag het wat aardiger?
Inconsequent zijn we allemaal. Maar in plaats van die imperfecties van elkaar te omarmen, geven we er liever op af. Zo heb ik een vriendin die heel hard haar best doet om te stoppen met roken. Ze is verslaafd, dus vanzelfsprekend blijft die trek in een sigaret bestaan. Soms zwicht ze daarvoor en steekt ze er eentje op. En altijd is er dan wel iemand die wil benadrukken hoe haar stoppoging heeft gefaald. Ook heb ik een collega die zich inzet voor een duurzame wereld. Altijd is er wel iemand die moet benadrukken dat ‘ze wel gewoon het vliegtuig pakt hoor’.

Hoera, we zijn geen robots
Ik snap dat niet. Waarom mag iemand niet zes dagen van de week het één doen, en een zevende het ander? Waarom moeten we iemand afbranden die in een zwak moment één sigaretje rookt en daarna weer stopt? Waar is de ruimte voor inconsequentie gebleven? Laten we vieren dat meningen kunnen veranderen. Dat we geen robots zijn die machinematig perfect door het leven gaan, maar mensen die fouten maken en imperfect zijn.

Vat vol tegenstrijdigheden
Schrijver Charles Bukowski schreef ooit: ‘The problem with the world is that the intelligent people are full of doubt, while the stupid people are full of confidence’. Nu wil ik alle mensen die iets heel zeker weten niet meteen afschrijven als ‘stupid’, maar de gedachte achter de quote vind ik wel mooi. Het is oké om te twijfelen en het is oké om te draaien. Een mens is per definitie een wandelend vat vol tegenstrijdigheden. In gedachten én gedrag. Laten we dus vooral niet onze verlangens, twijfels, gevoelens en wensen gaan onderdrukken – dat is precies wat ons mens maakt. En kom op, bedenk even hoe saai de wereld zou zijn als we allemaal heel consequent zouden zijn.

Lees ook: Mens, doe niet zo negatief. Het gaat best goed met ons.

Geschreven door